BNRF Indoor: Stefano di Battista

Stefano di Battista & Baptiste Trotignon

(Canon EOS 5D, EF 70-200mm f/2.8L IS USM @148mm, f/2.8, 1/80s, 1250 ASA)

Stefano di Battista zette er zijn beste beentje voor zondag. Wat in dit geval letterlijk mag worden genomen, toen hij zijn linkerkuit gebruikte om de hoorn van zijn sax te dempen. Al kon ook de vloer daarvoor dienen…

Stefano di Battista & Baptiste Trotignon Stefano di Battista & Baptiste Trotignon

Baptiste Trotignon had ik nog niet aan het werk gezien, en dat was duidelijk een gat in mijn cultuur dat dringend moest worden gedicht (zoals ik op Het Project reeds schreef). De cd is besteld.

Stefano di Battista & Baptiste Trotignon

Voor het eerst heb ik ook foto’s op 1250 ASA gemaakt, tijdens het BNRF. Het resultaat valt behoorlijk mee, en ik ben nog steeds verschrikkelijk content van de Canon 5D voor concertfotografie.

BNRF Indoor: minifestival als proeftuin

Cecil Taylor

(Canon EOS 5D, EF 16-35mm f/2.8 L II USM @16mm, f/2.8, 1/125s, 1000 ASA)

Relatief weinig publiek, op dit Indoor festival. De concertzaal was vaak amper voor de helft gevuld, terwijl de tent tijdens de zomerse onweders meestal barstensvol wordt gekregen. Misschien was de timing niet volledig juist, was de programmatie net iets te verscheiden, of was er gewoon niet genoeg ruchtbaarheid aan de wintereditie gegeven. Jammer, want hoewel dit misschien geen echte hoogvlieger was, werden er inhoudelijk belangrijke stappen genomen en richtingen afgetast. Wij hopen dat deze Indoor editie een vaste waarde wordt, mogelijks als proeftuin voor de uitgebreidere versie in de zomer.

Lees er meer over bij Het Project: ‘s Winters spelen de kinderen binnen

Jazz Middelheim kleurt blauw

(breaking news)

Er is een principieel akkoord tussen de VRT en de organisatoren van het Blue Note Records Festival in Gent om vanaf 2008 Jazz Middelheim aan BNRF uit te besteden. Het BNRF zou zowel de organisatie als de programmatie van het festival op zich nemen, dat vanaf dit jaar opnieuw jaarlijks zou plaatsvinden. Tot nog toe vond het Jazz Middelheim festival tweejaarlijks plaats in het Antwerpse Park Den Brandt.

Jazz Middelheim blijft evenwel een VRT omroepfestival, zo benadrukken beide partijen, dat met respect voor het verleden zal worden georganiseerd en herkenbaar zal blijven voor de trouwe bezoekers. De sfeer en setting van het festival zijn uniek en dat moet behouden blijven.

BNRF – jazz!

Eindelijk! Eindelijk nog eens jazz op het BNRFestival. En wat voor jazz. Van het Jeroen Van Herzeele Project naar drummer boy Rashied Ali via blazers Archie Shepp en Roswell Rudd tot het San Francisco Jazz Collective, het was puur genieten, tijdens dit Coltrane tribute.

(Ik was half van plan een bespreking te schrijven, maar ik voel dat de inspiratie even zoek is.)

De vermoeidheid begint stilletjesaan toe te slaan (getuige daarvan de flauwe binnenrijmen). Nog één dagje, en dan struinen we wat rond op de Gentse Feesten. Misschien ga ik nog wel eens een avondje foto’s maken aan een of ander podium aldaar. Waar zijn die perspassen ergens?

eenheid door verscheidenheid

Het BNRFestival leek gisteren wel een beknopte samenvatting van zowat alles wat er op de Gentse Feesten is te horen. Het begon met de ‘echte’ jazz van Chroma, die evenwel al gauw evolueerde naar pop. Want Chroma bracht een hele resem ‘featuring’ artiesten mee, zo kondigde Henk Rijckaert aan. De groep speelde eigenlijk al in gewijzigde bezetting, met Quartier ipv Schumacher op vibrafoon en marimba, en met Kummert ipv Badenhorst op klarinet –geen nood, u krijgt ze in augustus nog te horen tijdens Jazz in ‘t Park. (En niet dat we te klagen hebben over Quartier of Kummert hoor.) Maar dan kwamen daar ook nog eens Peter Schneider (percussie), Tuur Florizoone (accordeon) én Geike Arnaert (zang) op het podium. Laatstvernoemde kampte met licht vestimentaire problemen waar we *ahem* zeer discreet naast keken. Arnaert had dan ook een spectaculair mooi kleed/topje aan, met een open rug (en een niet meteen volledig gesloten zijkant).

Tijdens het volgende concert leek het wel even Polé Polé op het BNRFestival –al had ik even daarvoor Richard Bona eerder met Jaco Pastorius vergeleken. Maar bon, er zat sfeer in de keet, en al werd het concert meermaals onderbroken om aan kleine technische mankementjes te verhelpen, de sfeer kon niet stuk. Uitmuntend.

Cristina Branco bracht fado –dat hadden we dit jaar nog niet gehad. Na twee opeenvolgende jaren Mariza –en vorig jaar zelfs Madredeus– was dit een erm… interessante afwisseling. Een beetje te melancholisch naar mijn zin, maar perfecte luistermuziek. Ideaal om bij te werken. Of te lezen. En u mag zelf kiezen wat ik heb gedaan.

Spanning alom: zou Willy DeVille de fouten van Sly herhalen? The Mink DeVille Band startte alvast zonder de zanger –en wij hielden ons hart vast– maar kijk, de intro was nog niet goed voorbij, of daar stond Willy al op de planken. Had ik het woord ambiance al gebruikt? En sfeer? De tent ging compleet uit de bol.

Dit was zonder enige twijfel de meest verscheiden, en mogelijks daarom ook de meest geslaagde dag van het tweede deel van het BNRFestival.

het ‘oeps’ moment

De verwachtingen waar hoog gespannen, voor het optreden van Sly and The Family Stone. Het is waarschijnlijk niet overdreven om te stellen dat het gros van het publiek gisteren naar het BNRFestival was afgezakt om Sly van dichtbij te kunnen bewonderen. Niet alleen het publiek overigens, want ook de pers was deze keer in groten getale naar de frontstage getrokken.

Kortom, iedereen was er, behalve Sly zelf. Het afsluitende optreden was zoals elke avond voorzien om 23u, maar op dat moment zat Sly nog rustig in zijn hotelkamer. Hij was –zo werd ons meegedeeld– ervan overtuigd dat zijn optreden pas om 00u zou beginnen. Iets voor middernacht begon de band te spelen, maar het zou nog tot dik kwart na twaalf duren eer Sly zijn gezicht vertoonde. De tent barstte spontaan in boegeroep uit.

Het antwoord van Sly was een niet mis te verstane ‘kiss my ass‘ (hij wees daarbij het lichaamsdeel in kwestie nadrukkelijk aan –ik heb dat hier ergens op foto), al trachtte hij daarna wat goodwil te verkrijgen door zijn ‘familie’ voor te stellen.

Nog geen half uur later verliet hij evenwel het podium: “I need a short break“. Om te pissen, een pint te drinken, of een extra lijntje te snuiven, wie weet, maar met hem verliet ook het grootste deel van de massa de tent. “Slecht”, was het meest gehoorde woord op mijn terugweg. Ik kan er nog wel wat bedenken, maar ik denk dat u de teneur wel door hebt.

Jammer voor het volk, maar ook voor de organisatie van het festival, bij wie gisterenavond ongetwijfeld grote stresspieken op te tekenen waren. Wat Sly zelf betreft kunnen we verder kort zijn: good riddance.

gisteren op het BNRF

“Kijk,” zeg ik tegen Henri die voor de eerste act met mij meegekomen is naar het BNRFestival, “ge hebt goede muziek en ge hebt slechte muziek.” Ik las even een pause dramatique in. “Dit is slechte muziek.”

Hij kijkt me vragend aan.

“Nee, je hebt gelijk,” herpak ik mij, “het is goede muziek, maar het is een slechte zangeres.”

Trijntje Oosterhuis heeft een flinterdunne stem, met een bereik dat laat vermoeden dat het niet eens een ganse toonladder beslaat. Ik heb medelijden met Burt Bacharach, wiens oeuvre ze gedurende het ganse concert door hetzelfde register haalt.

Op haar best neigt Oosterhuis naar Whitney Houston, en tijdens de Gentse Feesten zou ze op een aantal plaatsen waarschijnlijk niet verkeerd worden geprogrammeerd. Rond een uur of twee-drie, als de alcohol al rijkelijk heeft gevloeid en het publiek daardoor wat minder kritisch is geworden.

“We spelen dit liedje heel verschillend van het origineel”, zo kondigt ze Raindrops keep fallin’ on my head aan. En dan vergeet ze even de versies van Sacha Distel en Manic Street Preachers, en zingt ze het nummer gewoon wat trager.

Nee, vergeleken met Oosterhuis is Stacy Kent pure sex. Dat is lichtjes overdreven dus, tenzij u valt voor haar hoge Julie-Andrewsgehalte, maar ze had tenslotte ook Gainsbourg te bieden, “my hero tonight“.

For those of you in the audience who don’t speak French –which probably is everyone, except for that one guy. And he’s American“, besloot ze haar in rimpelloos Frans uitgevoerde nummer. Toen het gelach evenwel uitbleef had ze meteen door dat er iets moest zijn misgelopen, en ze verontschuldigde zich dan ook al snel: “I’m sorry, that just came out.” Het was haar vergeven, ze was –hoewel op veilig spelend– onderhoudend, en kwam heel professioneel maar daardoor weinig verrassend over.

Wel goed was dan weer e.s.t. De fotografen hadden ingewikkelde instructies meegekregen van presentator Wilfried Haesen. “Volgt u even, beste fotografen”, waarop hij uitlegde dat we pas vanaf het derde nummer “ons ding” mochten doen, “zonder flitslicht! En niet tijdens de stille passages.”

Het eerste nummer duurde 45 minuten.

Het tweede was relatief korter, en bovendien speelden ze een set van een dik anderhalf uur (ipv het toegestane uur en een kwartier).

Charlie Haden stond op exact dezelfde plaats als twee jaar geleden: helemaal achteraan, met zo min mogelijk licht op hem gericht. Toen was mij door een collega verteld dat hij dat opzettelijk doet om de fotografen te jennen. Ik heb snel mijn foto’s gemaakt, en was van plan om huiswaarts te gaan, maar ik kon mij maar moeilijk van het concert wegtrekken. Ik ben niet tot het einde gebleven, maar het concert was gewoon goed. Niet fenomenaal of fantastisch, maar goed. Het stond er, en het bleef overeind, in tegenstelling tot Haden zelf, die vanochtend aan een hernia werd geopereerd.