Schilderend

Een jaar of tien geleden hadden we beslist dat groen wel fleurig zou staan in de zithoek. Een maand of 100 geleden wisten we al dat we dat rap beu gingen zijn. Maar kijk, we beslisten om er bij de eerstkomende opportuniteit iets aan te doen.

Zo was het vroeger!

Bij het begin van de paasvakantie smeerden we drie dikke strepen kleurtest op de muur, maar geen van die drie kleuren zou het worden.

Zo is het nu.

Het is een bruinachtig iets geworden —latte volgens de één, een beetje burgerlijk volgens de ander. Wij zijn content. Ook van dat dood beest op de schouw. Zijn vel is van de schrik op de grond gevallen.

Zo is het nu.

In deze kamer zag het bordeauxrood, niet groen, maar nu is het er licht en gezellig. Die blauwe afplakband wordt binnenkort verwijderd.

De dader!

De moulures werden van een blauwgrijsachtige tinten naar leliewit geschilderd, alsook de scheidingsdeur met de vele ruitjes die door onze meester-schilder met oneindig geduld onder handen werd genomen.

Nu nog de eetplaats.

Vakantieprogramma

Er zijn twee dingen waar ik graag over zou schrijven, en ze gaan allebei over jazz. Maar ik heb voorlopig geen tijd om het deftig uit te schrijven, dus het zal voor later zijn. Ik denk er ten andere aan om het jazz gedeelte van dit blog naar een ander blog af te splitsen, maar bon, dat is een ander paar mouwen.

Mijn schoonvader zit hier al een halve vakantie muren en deuren te schilderen –daarbij somtijds bijgestaan door zijn dochter, die nu terug aan het dokterwerk is. Ik heb daar fotografisch bewijs van, en ik zal dat binnenkort nog wel eens tonen. Momenteel zit mijn energie even elders.

We twijfelen een beetje aan uw toonvastheid

Steve Stoute liet recent in een paginagrote advertentie optekenen dat de Grammy Awards alle voeling met de hedendaagse populaire cultuur heeft verloren. 40 000 USD heeft hij betaald voor die advertentie in de New York Times, getiteld An Open Letter to Neil Portnow, NARAS and the Grammy Awards Hij was redelijk geschoffeerd ook door de overwinning van Esperanza Spalding: how is it that Justin Bieber, an artist that defines what it means to be a modern artist, did not win best new artist?

Justin Bieber wordt voortgestuwd op een ongekende populariteit bij een marktbepalend segment van de bevolking, beschikt over een kop waarmee hij op één dag meer waspoeder aan de man zou kunnen brengen dan Jan Theys gedurende zijn ganse carrière, en –hola!– hij zingt nog ook. Als populaire muziek enkel met populariteit te maken heeft, lijkt Stoute de spijker op de kop te slaan.

Populaire muziek is een onomvattelijk bedrijf dat aan verschrikkelijk veel mensen werk bezorgt, en dan kunnen we gerust een boom opzetten over de moraliteit van kinderen in de entertainment industry (denk bijvoorbeeld aan Mozart of Michael Jackson; in de filmindustrie aan Shirley Temple, de Olsen Twins, Alyssa Milano of Drew Barrymore; in beide categorieën Danny de Munk of Miley Cyrus; en aan de gigantisch winstgevende child beauty pageant industrie), of Bieber in een hokje steken bij Jane Monheit of Nikki Yanofsky –die veel te snel op de markt werden gegooid– of bij Hanson (herinner u MMMBop).

Het lijkt pertinenter om zich af te vragen of erkenning zo sterk moet afhangen van populariteit. Neem nu Idool. “We twijfelen een beetje aan uw toonvastheid”, mag gerust als understatement van het jaar worden bekroond.

Rustdag

Zondag is een rustdag, en die kondigde zich al aan sinds donderdagavond. Ach, morgen migraine, vreesde ik toen, maar ik bewandelde de volgende dag alsof er niks aan de hand was. Vrijdagavond kreeg ik de zelf voortekenen, maar ook zaterdag kwam ik min of meer vlekkeloos door. Maar na een week vakantie, schilderwerk, meubelverhuis, Ikeabezoek en een heel aangename zaterdag, had ik het vanochtend wél vlaggen natuurlijk. (Dat, en ik loop al meer dan twee weken met een hele roedel aften rond, zodat ik gisteren noodgedwongen met Medrol gestart ben.)

Lichter dan verwacht, de migraine, maar het zal bij rusten blijven vandaag. En dat is waar een zondag voor dient, nietwaar. (Alweer geen Opatuur, vanavond, en dat knaagt dan weer wel.)

Everybody’s Got to Learn Sometime

[youtube https://www.youtube.com/watch?v=UOqXy64-hTw&w=500&h=405]

’t Is weekend, dus tijd voor een stukje muziek (dat, en ik ben te moe voor iets anders). Everybody’s Got to Learn Sometime is ongetwijfeld het meest bekende nummer van The Korgis (hierboven), mooi gecoverd door Beck voor de (heel erg goede) film Eternal Sunshine of the Spotless Mind.

Ver(f)moeid

Ik begreep dat nooit, als mensen het hadden over verbouwingen, maar het is behoorlijk vermoeiend, zo de ganse dag zitten kijken naar mensen die staan te verven. Ik ga eens vroeg in bed kruipen vanavond denk ik. (’t Is nog niet af, maar de muren beginnen er schitterend uit te zien.)

Phronesis

Heb ik het al gehad over Phronesis? Niet de Aristotelische praktische wijsheid, maar de Britse groep met Deense bassist/componist. Zowel hun tweede album, Green Delay, als hun derde, Alive, kreeg ***(*) sterren in mijn respectieve overzichten van februari en van augustus vorig jaar. Zoals dat tegenwoordig gaat voor dit soort jazz, wordt de groep graag schatplichtig geheten aan E.S.T. (Esbjörn Svensson Trio), met invloeden die reiken naar The Bad Plus. Luister liever zelf, en bestel nu maar al uw ticket voor 26 oktober, want dan spelen ze in De Bijloke. In Gent, vanzelfsprekend.

[youtube https://www.youtube.com/watch?v=KbnnWIntf3g&w=500&h=311]

Phronesis zijn Jasper Høiby (bass), Ivo Neame (piano) en Mark Guiliana (drums)

Marktconforme naïviteit

“Ik weet niet hoe het met u gesteld is,” vraagt Margot Vanderstraeten zich hardop af in De Morgen, “maar een marktconforme biefstuk prikkelt mijn appetijt niet.” Vanderstraeten wil daarmee een hart onder de riem steken bij de landbouwers die zich door Ikea benadeeld vinden in de recente 2,5 euro voor een biefstuk stunt. De argumentatie die ze daarbij biedt, is bijzonder vermakelijk.

Als mensen of bedrijven het woord ‘marktconform’ gebruiken, weet je dat het opletten is geblazen. Ikea noemt de prijs van 2,5 euro voor een steak met friet reglementair en marktconform. Over welk reglement de Zweedse multinational het precies heeft, is niet duidelijk.
Gaat het over het bewijs dat ze voor het vlees, afkomstig van Belgische koeien, ongeveer 10 euro per kilo hebben betaald? Hebben ze het over de procedures waarop het biefstukvlees machinaal is bewerkt; want pletten, verdunnen en inkerven is de enige manier om spierweefsel van slechte kwaliteit enigszins mals en eetbaar te maken?
Het reglement: slaat dat op de fokmethodes van de beesten, hun leeftijd, hun levensomstandigheden, de wijze waarop ze werden ontbeend? Dat ze die procedures – van kalf tot biefstuk met friet van 2,50 euro – dan eens op een filmpje zetten, en dat in hun restaurants afspelen.

Weinig restaurants of vleeswaren zouden zo’n test doorstaan. Een mens vraagt zich af of Vanderstraeten zelf gelooft dat het vlees dat ze in het grootwarenhuis of bij de buurtslager koopt, op een veel diervriendelijker manier tot stand is gekomen. Denkt zij dat ander vlees niet machinaal werd verwerkt, en dat heelder horden ambachtelijke slagers haar vlees zorgvuldig en met grote liefde (voor dier, mens en eindprodukt) uitbenen, zengewijs de beste snijplaats zoeken, een gulden snede aanbrengen en het vlees voorzichtig verwijderen en met zwoele lippen van een zachte kus voorzien alvorens het, stuk per stuk, eerbiedig te verpakken? Meent zij dat de met keizersnee geboren Belgische Witblauwe als Wagyu door het glorierijke leven wordt gemasseerd, geheel gevoed met gras op vrije loopweiden?

Of bedoelt Ikea met reglementair dat vlees vlees is? En dat het hun niet kan schelen of hun klanten hun steak ‘saignant’ of ‘à point’ willen? Is het dit wat ze willen zeggen: dat alles in hun keuken reglementair bien cuit is, om de simpele reden dat er in de Ikeakeukens geen chefs werken, maar hardwerkende keukenkrachten die tonnen voedsel volgens instructies in ovens plaatsen. U denkt toch niet dat Ikea kookt? Sauzen maakt? Aardappelen schilt? Vleesballetjes rolt? Taarten bakt? Salade wast? Biefstuk in klontjes hoeveboter bakt?
Ikea: specialist in doe-het-zelf, maar niet in hun eigen keuken. Ikea warmt op, de hele dag door. Alles komt kant-en-klaar binnen. Rechtstreeks van de voedselfabriek. Alles komt daarom ook kapot gemarineerd binnen: de enige remedie tegen uitdroging. De steak (150 gram) met friet van Ikea is dus heerlijk marktconform.

Lieve help! Straks gaat ze nog beweren dat de Peter Goossens Waterzooi van Kip met Basmati Rijst niet eigenhandig door Peter Goossens in het Hof Van Cleve wordt gemaakt. Of dat er in de ontelbare Sodexo keukens (denk: school- en bedrijfsmaaltijden) ook al niet zelf wordt gekookt! Of dat niet elke Vlaamse bakker zijn eigen broodjes kneedt, maar dat die, zoals de Panos, het kant en klaar geleverde deeg gewoon opwarmt in de oven. Of erger: dat het brood soms gewoon gebakken, en zelfs voorgesneden, wordt geleverd!

Ik weet niet hoe het met u gesteld is, maar een marktconforme biefstuk prikkelt mijn appetijt niet. Daar heb ik andere adjectieven voor nodig. Of een rijstpapje met koffie: na een helse tocht door hun winkels smaakt dat tenminste nog een beetje naar troost.

Er is geen betere manier, mevrouw Vanderstraeten, om het globalisme een halt toe te roepen, dan te weigeren eraan deel te nemen. Dus gaat u beter gewoon niet naar de Ikea, de Delhaize, de Panos, de Colruyt, en al die andere volumineuze verkoopsplaatsen. U koopt uw vlees rechtstreeks bij de diervriendelijke landbouwer; uw kasten bij de lokale ambachtsman die bij voorkeur met mileuvriendelijke materialen werkt; uw brood en patisserie bij de bakker die zijn produkten zelf vervaardigt. Dat die produkten (soms veel) duurder zijn, en dat ge geen grootverdiener zijt? Tsja, was dat nu niet net waartegen u wou protesteren? Of was het enkel omdat de uitbuiting in dit geval groot en duidelijk genoeg was?

Vakantie?

’t Is vakantie. Dat betekent dat Henri geen school heeft en, bij hoge uitzondering, dat Tessa een weekje thuis is. (Juich!) Dat betekent dus ook, dat ze allebei kunnen meewerken aan mijn mega-opkuis-plan! Eigenlijk ben ik gewoon mijn bureau aan ’t herinrichten, maar dat blijft tussen ons.

In eerste instantie werd het archiefkot geschilderd, en achteraf door mij opgevuld, wat resulteerde in twee volle vuilniszakken overbodig gerief. Vandaag hebben we de kamer van Henri aangepakt: zijn kleerkast uitgemest, zijn hoogslaper uitgebroken (met dank aan mijn schoonvader voor de helpende hand), en mijn oud bed in de plaats gezet. Het is precies alsof hij in een balzaal huist (ik post nog wel eens een foto).

Het ging allemaal zo vlug en we zaten allemaal zo vol energie, dat ik helemaal vergeten was dat er vandaag een persconferentie was waarop het seizoen 2011-2012 van De Bijloke werd voorgesteld (gelukkig was er iemand anders voor Gentblogt aanwezig). Het jazzprogramma ziet er alvast heel geslaagd uit: Phronesis, Geri Allen (speelt ook op Gent Jazz trouwens), Portico Quartet, Jason Moran, Christian Mendoza, Robin Verheyen. Waar is mijn agenda hier ergens?