slechte ouders

Wij zijn slechte ouders, wij. Gisteren lag Henri pas om 23u in zijn bed. Voorwaar een goed begin van zijn vakantie. Het is allemaal de schuld van Roy Hargrove. De man wist gewoon niet van ophouden; het goed geoliede kwintet schudde de ene song na de andere uit de mouw (als was dat gezongen stukje er net iets te veel aan, Roy), en voor we het wisten was het way past bedtime. Nog een geluk dat we een lift naar huis kregen (en dus niet meer op de trein hoefden te wachten).

Gisteren zat hij (Henri) op de eerste rij tijdens dat laatste concert, mee te drummen met twee rietjes, en met open mond naar de trompetsolo’s van Hargrove te luisteren. Het eerste wat hij deed, vanochtend, was dan ook zijn trompet uit de koffer halen. “En in september mag ik naar de muziekschool hé!” (Die drang zal niet meteen veranderen denk ik, met Jong Jazztalent in Gent, Blue Note, en Jazz in ’t Park in ’t verschiet.)

(’t Is te hopen dat het hier rap de 30 graden overschrijdt. Ik wil naar huis, foto’s gaan bewerken en mijn drie filmpkes binnendragen.)

concerten 200606

0 te vermijden / * slecht, maar beluisterbaar / ** goed / *** zeer goed / **** fantastisch

  1. Victor Da Costa en Weber Iago / 04-06-2006 / Opatuur / **
    Bespreking
  2. The Bluesstore / 07-06-2006 / Zele / **
    De lustrumeditie van het Bluesfestival in Zele. (bespreking)
  3. Ben Sluijs en Erik Vermeulen / 11-06-2006 / Opatuur / ***
    Zeer geslaagde afsluiter van het Opatuurseizoen.
  4. Das Rheingold / 16-06-2006 / Vlaamse Opera / ****
    Een van de beste opvoeringen in de opera van de laatste jaren. (bespreking)

(concerten vorige maand)

BNRF dag 3: nog meer vrijkaarten

U weet het onderhand al: bij Het Project geven we twee maal per week vier vrijkaarten weg voor het Blue Note Records Festival.

Tot vrijdagmiddag kan u nog het goede antwoord op de prijsvraag naar de redactie-mailbox van Gentblogt sturen. En wie weet wint u wel één van de vier dagkaarten voor Paolo Fresu, Nathalie Loriers, Romano/Sclavis/Texier, en Charles Lloyd! Een hoogdag, die zondag 16 juli, als u het mij vraagt.

Waag uw kans!

Loriers - Joris - Aerts (i) Chemins Croisés Quintet (ii) Chemins Croisés Quintet (i) Chemins Croisés Quintet (iii)

CNQ in Gent

Arnozza (vi)

U krijgt maar liefst drie keer het Carlo Nardozza Quintet in Gent:

  • op 24 juni (14u) als afsluiter van het Jong Jazz Talent in Gent concours in het Duvel Droomschip aan het Emile Braunplein (gratis!)
  • op 13 juni (20u) als voorprogramma van Dianne Reeves op de opening van het Blue Note Records Festival in de concertzaal van de Bijloke (betalend)
  • en op 1 juli (15u30) op de opendeurdag van Kunstberg, in de Abrahamstraat (gratis! –vermoed ik)

Ge zoudt wel zot zijn om u niet op minstens één van die dagen te kunnen vrijmaken.

BNRF dag 2: meer vrijkaarten

Ondertussen blijven wij met Het Project maar vrijkaarten weggeven voor het Blue Note Records Festival.

U hebt nog tot donderdagavond de tijd om een redelijk makkelijke (denk ik toch) vraag te beantwoorden over Jason Moran, en dan maakt u kans op één van de vier dagkaarten (max. 1 kaart per persoon) voor de optredens van Washington / Vann / Galland, het Eric Legnini Trio, Jason Moran & The Bandwagon, en het Wayne Shorter Quartet op zaterdag 15 juli.

Erwin Vann Erwin Vann Eric Legnini Wayne Shorter Quartet (iii) Wayne Shorter Quartet (ii)

beau et con à la fois

brussels towers

Même si un jour à Knocke-le-Zoute
Je deviens comme je le redoute
Chanteur pour femmes finissantes
Même si je leur chante “Mi Corazon”
Avec la voix bandonéante
D’un Argentin de Carcassonne
Même si on m’appelle Antonio
Que je brûle mes derniers feux
En échange de quelques cadeaux
Madame je fais ce que je peux
Même si je me saoule à l’hydromel
Pour mieux parler de virilité
A des mémères décorées
Comme des arbres de Noël
Je sais que dans ma saoulographie
Chaque nuit pour des éléphants roses
Je chanterai la chanson morose
Celle du temps où je m’appelais Jacky

Être une heure une heure seulement
Être une heure une heure quelquefois
Être une heure rien qu’une heure durant
Beau beau beau et con à la fois

Même si un jour à Macao
Je deviens gouverneur de tripot
Cerclé de femmes languissantes
Même si lassé d’être chanteur
J’y sois devenu maître chanteur
Et que ce soit les autres qui chantent
Même si on m’appelle le beau Serge
Que je vende des bateaux d’opium
Du whisky de Clermont-Ferrand
De vrais pédés de fausses vierges
Que j’aie une banque à chaque doigt
Et un doigt dans chaque pays
Et que chaque pays soit à moi
Je sais quand même que chaque nuit
Tout seul au fond de ma fumerie
Pour un public de vieux Chinois
Je rechanterai ma chanson à moi
Celle du temps où je m’appelais Jacky

Être une heure une heure seulement
Être une heure une heure quelquefois
Être une heure rien qu’une heure durant
Beau beau beau et con à la fois

Même si un jour au paradis
Je deviens comme j’en serais surpris
Chanteur pour femmes à ailes blanches
Même si je leur chante alléluia
En regrettant le temps d’en bas
Où c’est pas tous les jours dimanche
Même si on m’appelle Dieu le Père
Celui qui est dans l’annuaire
Entre Dieulefit et Dieu vous garde
Même si je me laisse pousser la barbe
Même si toujours trop bonne pomme
Je me crève le coeur et le pur esprit
A vouloir consoler les hommes
Je sais quand même que chaque nuit
J’entendrai dans mon paradis
Les anges les saints et Lucifer
Me chanter la chanson de naguère
Celle du temps où je m’appelais Jacky.

Être une heure une heure seulement
Être une heure une heure quelquefois
Être une heure rien qu’une heure durant
Beau beau beau et con à la fois

La Chanson de Jacky – Jacques Brel, 1966

Das Rheingold

Arthur Rackham: FreiaDe Vlaamse Opera heeft het gedurfd de Ring aan te pakken, en na de proloog te hebben gehoord én gezien, zijn wij daar niet rouwig om. Regisseur Ivo Van Hove heeft Das Rheingold in een hedendaagse context binnengebracht, op een manier die volstrekt vanzelfsprekend overkomt. En dat is een uitzondering, want wij herinneren ons nog Peter Sellars‘ Don Giovanni in de straten van het New Yorkse Harlem, dat, hoewel een belangrijke stap in de evolutie van de opera, in retrospect toch een beetje van het goede teveel was.

Van Hove bezondigt zich daar niet aan. De setting dient als achtergrond en illustratie, en trekt niet nodeloos alle aandacht naar zich toe. Het goud als allegorie voor kennis en macht, wat op de scène wordt voorgesteld door de digitale wereld. De informatie wordt bewaard in een computerzaal, de kennis blijkt downloadbaar op een USB stick. Waar de wereld bij Wagner nog bestond uit boven (de goden, het Walhalla) en onder (de onderwereld), heeft tegenwoordig iederéén toegang tot informatie. Het wereldbeeld werd niet gewoon gemoderniseerd door Van Hove, maar geactualiseerd aan de huidige situatie. En dat is precies de reden waarom de enscenering werkt.

Arthur Rackham: FreiaVoor Wagner zelf was de uitbeelding van ondergeschikt belang aan de thematiek en de muziek. Hoewel de afbeeldingen van Arthur Rackham zeer tot de verbeelding spreken, hadden de in berevellen en ijzeren harnassen verscholen acteurs voor een veel minder aangrijpend schouwspel gezorgd dan de hedendaagse bezetting van Van Hove. Wagner zelf was overigens dermate ontgoocheld in die potsierlijke dress code dat hij luidop droomde van een onzichtbare enscenering (net zoals het onzichtbare orkest dat hij in Bayreuth diep in de orkestbak had verstopt).

Bij Van Hove krijgen de acteurs een prominente rol toebedeeld. Net zoals de enscenering is de muziek belangrijk als ondersteuning (Wagner is tenslotte de uitvinder van het Leitmotif), maar krijgen de zangers een belangrijke rol. Hun zang is duidelijk en op de voorgrond, en zorgen ervoor dat het verhaal direct naar de luisteraar wordt gebracht. De muzikale motieven en de dramatische uitwerking dienen voornamelijk als ondersteuning, en het maakt er deze uitvoering alleen maar krachtiger op. De moderne (hier is dat woord dan toch) ondersteuning van de televisieschermen, waarop onder andere het vreselijke lot van Freia bij de reuzen zeer aanschouwelijk en afschrikwekkend (maar niet obsceen) wordt afgebeeld, zorgt voor een zeer waardevolle aanvulling.

Arthur Rackham: FreiaThuis luister ik met veel plezier naar Solti’s Ring, een uitvoering van 1965 die nog steeds als een van de meer representatieve wordt beschouwd, en die ik ergens in de jaren 90 tot grote consternatie van de verkopers in de Fnac mijzelf heb toegeëigend (ik was te jong voor dergelijk oeuvre). De opvoering in de Vlaamse Opera, tijdens de première dinsdag, kan nochtans met glans de vergelijking weerstaan. Technisch kunnen bepaalde gedeelten in Solti’s versie als superieur worden beschouwd, maar in zijn geheel kan ik u niet alleen deze nieuwe versie aanraden; deze vertolking behoort ongetwijfeld tot het betere werk dat de Vlaamse Opera de laatste jaren heeft geleverd. Niet te missen!


Das Rheingold
, gezien op 13 juni. Nog te zien tot 9 juli in de (Vlaamse) Opera aan de Kouter. Info en tickets via de site van de Vlaamse Opera.

(Deze bespreking verscheen eerder al op Gentblogt.)

Blue Note Records Festival

Op Het Project zijn we ondertussen van start gegaan met de aankondigingen voor het Blue Note Records Festival. i. is de reeks gestart met wat algemene uitleg en een voorstelling van het openingsconcert, gisteren heb ik mij aan dag 1 (14 juli) gewaagd.

Wat meer is, Gentblogt geeft vrijkaarten weg. Er zijn maar liefst 4 vrijkaarten per festivaldag te winnen (1 kaart per persoon), dus u weet waarheen als u ook kans wil maken op zo’n dagticket.

The Bluesstore

Zaterdag vond de vijfde editie van het bluesfestival The Bluesstore plaats in Zele. Zele is de ‘hometown‘ van Tessa, en bovendien is het haar nonkel die het festival organisteert. Puur voor de fun, al zijn ze best bekend, zo heb ik me laten vertellen. We zeggen al een paar jaar dat we zeker komen kijken/luisteren, en voor dit lustrum konden we moeilijk ontbreken.

Voor de eerste keer vond het festival plaats in een tent aan de kerk van Zele. Er stonden drie groepen op het programma.

The South, een Belgisch-Nederlandse band rond de Antwerpse Janne Swolfs. Voornamelijk zuiderlijke blues (New Orleans), die een beetje afgestoft overkwam. Goed als opener.

Ze werden opgevolgd door Maxwell Street, een groep die twintig jaar geleden reeds werd opgericht, en daarmee meteen één van de pioniers in de Belgische Blueswereld werd. Chicagoblues. Yeah! Meer mijn stijl, en wat mij betreft het hoogtepunt van de avond. Wegens overlijden van een van de leden werd de bezeting nogal door elkaar gehaald, en waardoor, als ik mijn papiertje bekijk, slecht één van de oorspronkelijke leden nog mee op het podium stond (Marino Noppe).

Afsluiter waren the Blues-o-matics, die geheel de verwachtingen van hun naam inlosten. Ietwat commercieel, maar ze wisten behoorlijk de ambiance in de keet te brengen (houden). Een mengeling van rockabilly, cajun, hony-tonk en tex-mex, waaraan zelf Van Morrison niet wist te ontsnappen.

Niet geheel mijn ding, maar vooral Maxwell Street was zeker de moeite waard. En ik heb nog eens de kans gekregen om foto’s te nemen in andere dan de gewoonlijke omstandigheden:

Maxwell Street (i) Maxwell Street (ii) The Blues-o-matics (i) The Blues-o-matics (ii) The Blues-o-matics (iii)

M(orriss)e(y) too

Eergisterenavond stond Live At Earls Court hier op repeat, en de twee verzamelalbums van The Smiths liggen klaar voor straks. Ik zat toen al half met het gedacht er een entry over te schrijven dan wel de helft van de lyrics in mijn weblog te dumpen. Is het een ouderdomsverschijnsel als je plots (weer) veel naar Morrissey begint te luisteren?

Ook Sandra blijkt een fan, en stelde zich indirect dezelfde vraag als ik. Want als zelfs Morrissey er plots oud uitziet…