vervloekt

“Mais putain de bordel de merde.”

Zelden een vrouw zo krachtig en gemeend weten vloeken als mijn Collega E. daarjuist. Ze mag dan nog van hispanische origine zijn –en dus bij tijden heet getemperd– meestal blijft ze kalm en rustig. Niet zolang geleden (nu ja: zeven maanden) is ze bevallen van een tweeling, en sinds begin dit jaar is ze uit zwangerschap teruggekomen. Veel slapen doet ze niet, tegenwoordig, gezien altijd wel een van beide kinderen aandacht nodig heeft. Ook ’s nachts.

“Don’t they know anything?” kwam er nog even wanhopig als verbouwereerd uit. “I spend half a day explaining them how it works, and still they get it wrong.”

Ze gaat verder in een Spaans dat ik niet begrijp en dus ook niet kan optekenen, maar ik vrees dat het alleen maar van kwaad naar erger gaat. Aan het einde van een lange tirade tegen een e-mail op haar computerscherm veert ze recht, plukt haar jas van de kapstok, en loopt de kamer uit.

Een kwartiertje later is ze terug. Natgeregend, maar een en al glimlach, haar armen beladen met fruit en thee en chocolade. Ik lach begrijpend terug, en we keuvelen een beetje over de kinderen, fruit en thee en chocolade –die ze me aanbiedt, maar die ik beleefd afsla. “Anders is er geen stoppen aan”, vertrouw ik haar toe.

Ze glimlacht nog meer, wist haar e-mail, en herbegint.

2 gedachtes over “vervloekt”

  1. Ik ken geen andere culturen waar het vloeken zo ingeburgerd is als in de Spaanse. En dat in alle rangen en leeftijden.
    Als ik ze op een rijtje probeer te zetten denk ik zelfs meer Spaanstalige scheldwoorden te kennen dan Nederlandstalige.

Reageren niet meer mogelijk.