de opdracht (x)

“Bollaert!”

-Ja, Chef.

“Ik ben geen onmens, Bollaert.”

-Nee, Chef.

“Die website, Bollaert, met die database?”

-Ja, Chef.

“Die moet ge nog niet volledig klaar hebben, Bollaert.”

-Dank u, Chef. Maak ik u een mock-up binnen de deadline, Chef?

“Een mock-up, Bollaert?”

-Ja, Chef. Een niet-functioneel voorbeeld, Chef.

“Nee, Bollaert. Alles moet werken. Maar ik ben geen onmens, Bollaert.”

-Nee, Chef. Dat weet ik, Chef.

“Als er slechts één entry werkt van die database, is het goed, Bollaert. Dat scheelt u al een hoop werk.”

-‘Slechts’ één entry, Chef?

“Eén entry, Bollaert. En de update-module, natuurlijk. Ge hebt nog een halve week.”

-Ja, Chef. Dank u, Chef.

Een gedachte over “de opdracht (x)”

Reageren niet meer mogelijk.