Journalistieke prioriteiten

Wat lees ik vandaag in één van de vodden die verkoopscijfers belangrijker vinden dan inhoud?

Merkwaardig is hoe presidentiële affaires in de tijd van John F. Kennedy geheim konden blijven. Naar verluidt was de pers op de hoogte van Beardsley Alfords verhouding met JFK. In die dagen was de ongeschreven overeenkomst onder het perskorps in Washington echter dat er over zulke zaken niet bericht werd. [Maîtresse JFK doet boekje open, DM, 26/05/2009]

Amper 50 jaar geleden vond de pers het not done om over het privéleven van ‘publieke’ figuren te rapporteren. Vandaag wordt daar niet alleen over bericht, maar gebruikt de media die informatie om nieuws te maken. Het is tekenend hoe de pers dit vandaag als merkwaardig omschrijft.

Zeer schrijnend, en tegelijk ook typerend voor de hedendaagse berichtgeving, is het contrast tussen de kop van het artikel (Maîtresse JFK doet boekje open) en de blijvende terughoudendheid van Beardsley Alford:

In 2003 werd de affaire onthuld in de Kennedybiografie An Unfinished Life: John F. Kennedy, 1917-1963 van Robert Dallek. Journalisten spoorden de vrouw toen op, maar meer dan het bevestigen deed ze niet.

[…]

Volgens Mercandetti zal het manuscript, dat deze herfst voltooid moet zijn, vooral gaan over het verlies van onschuld. […] Volgens literair agent Mark Reiter is zijn cliënte Mimi Beardsley Alford niet van plan om in het boek al te veel pikante details prijs te geven.

Jaja, ik ben niet naïef: mevrouw Beardsley Alford zal er een schone boterham aan verdienen, er zit een hele marketingcampagne achter, en ze is de eerste uit een blijkbaar lange reeks maîtresses die ‘uit het bed’ klapt. Bijna vijftig jaar na datum weliswaar, en zesenveertig jaar na het overlijden van de man in kwestie. Dat soort discipline zou de hedendaagse pers wat meer mogen opbrengen.

deontologie in de zaak Siffer vs Versnick

Woensdag stuurde Thomas Siffer, Hoofdredacteur Story, Sanoma Magazines Belgium, een ‘persbericht’ de wereld rond, waarin hij zijn ongenoegen uitte over het vermeende gedrag van Geert Versnick, Gentse schepen en volksvertegenwoordiger van open VLD, tijdens een etentje in het Gentse restaurant Steendam 66.

Bij Het Project krijgen we regelmatig gelijkaardige grieven in de redactiebus, maar tenzij het gegeven in een brede en min of meer objectieve context kan worden gesitueerd, worden die zaken erm… geklasseerd. Hoewel het deze keer over een mogelijke overtreding van het rookverbod op restaurant ging, leek de toon van het ‘persbericht’ ons iets te subjectief om zomaar over te nemen.

De collega’s van De Gentenaar dachten daar duidelijk anders over, want zij publiceerden zonder dralen een artikel onder de welluidende naam Open VLD-politicus dreigt met geweld tegen Story-baas. De inhoud van het artikel is bijna eenzijdig op het persbericht van Siffer (25kb word doc) gebaseerd, al laat de tekst uitschijnen dat de journalist op zijn minst een poging heeft ondernomen om alle partijen aan het woord te laten.

Siffer haalt iedereen door het slijk, niet alleen Versnick:

De discussie escaleerde en Versnick maakte een dreigement, aldus Siffer. “Ik zal u eens een paar pletsen tegen uw kop geven”, zei Versnick. Toen was ik zo onthutst dat ik hem vroeg of hij wel besefte wat hij gezegd had. Maar hij herhaalde: “Ik ga u een paar pletsen tegen uw kop geven als ge niet rap maakt dat ge hier weg zijt.”

maar ook de restauranthouder, waarover hij laat optekenen:

De eigenaar van het restaurant kwam ertussen. Hij zei dat hij al vijfhonderdduizend frank betaald had aan boetes wegens vluchtmisdrijf, snelheidsovertredingen en dronkenschap. Een boete voor roken kon er voor hem nog wel bij.

Vandaag laat De Gentenaar toch ook de restauranthouder zelf aan het woord: Thomas Siffer wou Geert Versnick duidelijk provoceren.

Een getuige van het ophefmakende ‘rookincident’ tussen schepen Versnick en Story-hoofdredacteur Thomas Siffer in restaurant Steendam66 is formeel: “Het is Siffer die naar de tafel van Versnick gestapt is, met zijn vinger heeft staan wijzen en provoceerde. Versnick is al die tijd rustig gebleven.” […] “Maar ja… meneer Siffer was ook wel wat aangeschoten.”

Ondertussen is het kwaad geschied, want De Standaard nam het artikel over, en in de roddelrubriek van De Morgen (Onder vrienden) las ik vanochtend op pagina 4

Een beetje Vlaams politicus kan zich maar beter koest houden in de horeca. Nadat Pieter De Crem een wekenlange kater heeft overgehouden aan een stevig gemarineerd cafébezoek in New York wacht Open Vld-politicus Geert Versnick nu hetzelfde lot. Versnick kreeg het in een Gents restaurant stevig aan de stok met Story-hoofdredacteur Thomas Siffer: die laatste zag het niet zitten dat de tafel van Versnick het rookverbod in restaurants negeerde. De politicus zelf vond dat, aldus Siffer in een brief aan De Standaard, geen probleem: “Ik ben immers tégen die wet. Dus vind ik dat mijn vrienden mogen roken.” Uiteindelijk haalde Versnick zelfs de dreigementen boven: “Ik zal u een een paar pletsen tegen uw kop geven”. Volgens de Open Vld’er is de versie van Siffer “onjuist”.

Zal ik even een paar open deuren intrappen?

  • Feit: Siffer is sp.a (hij was hun communicatie-adviseur voor hij bij Story aan de slag ging); Versnick is Open Vld.
  • Wacht Thomas Siffer nu ook het ontslag zoals Nathalie Lubbe Bakker? Is De Gentenaar nu even gevaarlijk als de gemiddelde blog(ger)?
  • Primeert snelheid op de journalistieke deontologie? Moet men niet eerst wat fact checking doen, voor men klakkeloos een eenzijdige klacht overneemt?
  • En vooral: waar zit de nieuwswaarde in dit bericht?

Wat ervan waar is? Wie gelijk heeft? Dat interesseert mij nu eens echt niet. Dit –al té persoonlijke– potje had gedekt moeten blijven.

(Waarom ik het dan aanhaal? Omdat u nog kritischer zou staan tegenover wat u in/door de media voorgeschoteld krijgt.)

update 12/01/2009: Brecht Decaestecker, mediajournalist bij de krant De Morgen, post op zijn blog een getuigenis van Willem Stellamans, creatief directeur van productiehuis Eyeworks, die deel uitmaakte van Siffers gezelschap. Ook al geen neutrale bron, die bovendien een derde ‘persoon van invloed’ in de modder meesleurt. Niettemin, zijn getuigenis leest u in Thomas Siffer versus Geert Versnick (deel 2).

de perspas

Marc vraagt zich af wat de invloed van een perspas is op de berichtgeving. Een logische vraag, maar het antwoord kan bondig zijn: op mijn kritiek heeft zo’n zo’n perspasje geen enkele invloed. Veel hapjes en drankjes komen overigens er niet aan te pas, aan die persconferenties, al krijg ik wel elke week een kopje koffie tijdens de persconferentie van het Gentse stadsbestuur. Net zoals alle andere perslui.

Wat zo’n perspas wel vermag, is dat het zaken onder mijn aandacht brengt die ik anders mogelijks zou missen. Maar daar begint en stopt de invloed dan ook. Het is zoals met een recensie-exemplaar van een cd. Als ik een jazz-cd thuis gestuurd krijg, komt die op zijn minst terecht in mijn maandelijkse bespreking, maar vaak bespreek ik die ook wel in een afzonderlijke post –positief of negatief. Vaak is het immers belangrijker dat een cd besproken wordt dan dat hij positief besproken wordt.

Dat is geen vriendendienst, dat is gemakzucht. De cd die mij toegestuurd wordt, maakt grotere kans dat hij besproken wordt, dan de cd die ik zelf moet gaan zoeken. Het staat iedereen vrij om mij (of de redactie van Gentblogt) een cd toe te sturen –al biedt dat geen enkele garantie op bespreking.

Geen invloed op de inhoud dus. Maar wat Hans zegt klopt ook wel: met Gentblogt schrijven we liever over de positieve dan over de negatieve zaken, dus het kan al eens gebeuren dat ik bijvoorbeeld over een slecht concert helemaal niet schrijf. Zoek daar echter geen systeem achter.

Mijn recensies tracht ik te schrijven met de mensen voor ogen. Dat kan zowel de lezer zijn als de artiest, die men vaak nadien nog onder ogen moet komen. Afbreken is gemakkelijk, maar constructieve kritiek geven, vraagt een pak meer moeite. Vandaar zal ik vermijden echt negatieve kritiek te schrijven zonder op zijn minst één opbouwend element daarin verwerkt. Maar als het slecht is, dan is het slecht. En geen perspas die daar iets tegen in kan brengen.

objectief bekeken

Het is goed om u kritisch op te stellen tegen berichtgeving. Twee, bij voorkeur zelfs drie, onafhankelijke bronnen brengen u dichter bij de waarheid. Ga er evenwel nooit van uit dat u op een conventionele manier –via de traditionele media bijvoorbeeld– tot de waarheid zult komen.

Bloggers zijn geen journalisten. Ga er niet van uit dat een blogger objectiviteit nastreeft. Indachte bovenstaande paragraaf: ga er niet zomaar van uit dat een ‘echte’ journalist objectief is.

Ook Het Project is in eerste instantie een weblog, en niemand van de medewerkers hoeft ermee in te zitten, laat staan zich te schamen, voor zijn of haar subjectiviteit. Gentblogt is drie jaar geleden begonnen als weblog door een aantal mensen die gepassioneerd zijn door Gent. Passie veegt per definitie de vloer aan met objectiviteit, en ik zie niet in wat daar problematisch of verkeerd aan zou zijn. Noch Gentblogt als geheel, noch elk lid van redactie als individu, claimt objectiviteit.

Meer zelfs, Gentblogt haalt zijn kracht uit de passie van de medewerkers en de manier waarop ze hun onderwerp op een persoonlijke manier benaderen. Net daar bevindt zich een groot verschil met de traditionele media die, gebonden door allerlei criteria –zoals die vermeende objectiviteit en de noodzaak aan reclame-inkomsten– zich op allerlei manieren kunnen beknot voelen.

Gentblogt is totaal onafhankelijk. Dat betekent dat de medewerkers aan niemand, die aan de redactie vreemd is (en dan nog), rekenschap hoeven af te leggen over de stukken die zij willen gepubliceerd zien. De medewerkers zijn onbezoldigd, waardoor we meteen ook kunnen voorbij gaan aan de nood tot inkomsten (geen reclame of subsidies) en de afhankelijkheid daarvan. De redactie streeft een zekere vorm van feitelijkheid na, maar kleurt de interpretatie van die feiten geheel in naar eigen goeddunken.

En daar is nog nooit een geheim van gemaakt.