Ben en Erik en Lander en Anneleen en Bram

Drumstel door Bruno Bollaert

Ben Sluijs en Erik Vermeulen toeren samen met Lander Gyselinck en Anneleen Boehme en Bram de Looze in het kader van de JazzLab Series. Gisteren stonden ze in De Werf (Brugges), op 15 december staan ze in de Balzaal van Vooruit. Ze zijn goed bezig, alletwee + drie. Als ik u was zou ik maar eens gaan luisteren.

Nathan Daems Quintet

Nathan Daems Quintet @ Vooruit door Bruno Bollaert

Het was een sterk statement van Nathan Daems, om het concert in Vooruit bijna solo te openen, enkel gesteund door drummer Simon Segers. Het Nathan Daems Quintet wordt immers druk bevolkt door de leden van De Beren Gieren, iets wat ongetwijfeld ook de jury van het Jong Jazztalent Gent concours niet was ontgaan toen ze het kwintet in 2010 bekroonden, een jaar nadat De Beren Gieren zelf de wedstrijd hadden gewonnen. Beide groepen zijn echter beslist verschillend, en zelfs onder het aanstekelijk-spontane haantjesgedrag van wonderkind Fulco Ottervanger blijft de klankkleur van Daems nadrukkelijk present.

Het openingsnummer wordt gespeeld op sopraansax en geeft een duidelijk oosters getinte indruk; het tweede nummer gaat absoluut de rockerige kant op. In het derde nummer, Koekel Ziet is Alles, een bijna chaotische compositie van Ottervanger, komt de gierende gitaar van Bart Vervaeck op de voorgrond, en bespeuren we een gezonde invloed van rock opera. Met deze drie nummers werden meteen ook de drie bepalende factoren in de groep geïntroduceerd: eerst Daems zelf, vervolgens het Quintet, en tot slot de invloed van Ottervanger.

Er zit een aanstekelijke dynamiek in de groep, waardoor een context wordt gecreëerd voor de melodieën die Daems er tegenaan gooit. Typisch voor deze aanpak zijn de nummers Rashko –geschreven voor een vriend– en The After Renovation Lack –“ge weet wel, ge renoveert een huis, en dat is allemaal nieuw en goed en zo, maar toch verdwijnt er ook iets, in die renovatie”, legt Daems uit. In de samenwerking in het kwintet is het net andersom: er wordt alleen maar toegevoegd. Zelfs al lijkt het soms dat Daems wat verdwijnt in de storm van de andere muzikanten, hij blijft hardnekkig doorgaan als een wervelende onderstroom met zijn eigen beslissende rode draad.

Wie het kwintet anderhalf jaar geleden heeft gehoord tijdens het Jong Jazztalent concours en nadien op Gent Jazz 2011, zal de gigantische evolutie die deze groep heeft meegemaakt, niet zijn ontgaan. Ondertussen is de groep nóg gegroeid, en dat belooft voor de toekomst. De positieve vibe is bijna tastbaar, de energie en het samenspel zijn opvallend. Bas Gommeren speelde een schijnbaar onverwachte solo op contrabas, waarop Simon Segers intuïtief inpikte –Segers speelt graag met onverwachte maar organische ritmes– en de medodie kwam uiteindelijk bij Ottervanger terecht. Dit samenspel is de essentie van jazz.

Ook Nathan Daems genoot zichtbaar; tijdens het encore stond hij een tijdje –zoals Wayne Shorter– geleund tegen de piano mee te genieten van de uitwisseling tussen zijn medemuzikanten. “Dankuwel, dit was een schitterende avond”, vertrouwde hij het publiek toe.

Er is een cd uit, bij De Werf, maar ik heb hem nog niet gehoord. U kan vier stukjes voorbeluisteren op de soundcloud van het Nathan Daems Quintet, of de cd aanschaffen na het optreden. Dit is echter een groep die u zeker live aan het werk moet zien, en dat treft, want de groep toert momenteel in het kader van de JazzLab Series door Vlaanderen. Zo kan u zaterdagavond (20.30 u.) terecht bij De Werf in Brugge, en zondagnamiddag (17 u.) bij Vrijstaat O. in Oostende. Sterk aangeraden.

Hampster dance

Hamster Axis of The One-Click Panther

Ziedehie Pietel tôh?”

De stem kwam van de zetel achter mij, waar een man zat die zichzelf al de ganse eerste set voor Frederik Meulyzer (zie foto) moet hebben gehouden, want hij had de hele tijd met zijn voet zitten meedrummen tegen de leuning van mijn zitje. Hij had mij eerst gevraagd of ik journalist was (‘nee hoor’), beroepsfotograaf (‘nee hoor’), of… blogger (‘jawel’). Hij kwam –na een korte dwaling bij de Wannabes— zelf bij Gentblogt uit (‘inderdaad meneer’), en dus moest ik wel Pietel zijn.

“Ah. Nee. Pieter woont in Antwerpen.” Hoewel ik hem niet zag, was de ontgoocheling bijna tastbaar. “Sorry”, verontschuldigde ik mij nog, maar het mocht niet baten, vrees ik.

Een voortreffelijk concert van Hamster Axis of The One-Click Panther, in een veel te donkere Domzaal van Vooruit op 17/03/2009.

Lees er alles over bij Het Project: Tongue twister met de hamsters. Euh… panters!

Le Bénéfice du Doute

Salut les animaux. Retrojazz met Animus Anima

Grrr! Meer nog: grrr! Ik raakte er maar niet aan uit. Gewoon slecht zijn, of uitstekend, dat zat er voor deze avond niet in. Of om u maar meteen de pointe van dit verhaal te vertellen: ze begonnen (veel) te braaf, werkten hun eerste set naar een climax af, en donderden als banbliksems over het publiek heen tijdens de tweede. Animus Anima is de naam van deze groep amokmakers, hun recente cd heet Le Bénéfice du Doute, en dat is exact wat we hun voor dit concert gaan geven: het voordeel van de twijfel.

U leest het volledige verslag bij Het Project: Salut les animaux. Retrojazz met Animus Anima

Salut les animaux. Retrojazz met Animus Anima Salut les animaux. Retrojazz met Animus Anima

vier tegen 3

“Hemels”, dat was volgens Vooruit programmator Wim Wabbes de omschrijving van zijn collega van deSingel over het concert aldaar. “Magie zeg maar”, schreef Didier Wijnants in De Morgen, en liet daarbij geestdriftig vier sterren de rechterbovenhoek vullen. U kan dan ook gerust zeggen dat we hoge verwachtingen hadden voor het concert van Dave Douglas 3, dinsdag in Vooruit. Een concert dat bovendien een double bill was met het Free Desmyter Quartet. Wij gingen –speciaal voor u– luisteren, en stapten achteraf –ondanks de vrieskou– met een warm gevoel huiswaarts.

Vorig jaar werden wij door een Gents jazzicoon aan Free Desmyter voorgesteld. Een naam die ons toen geheel onbekend in de oren klonk, maar tijdens die introductie kregen we ook een cd in handen gestopt en werd ons met licht verwijtende blik –alsof we werden verondersteld het hele programma uit het hoofd te kennen– “hij treedt hier morgen op” toevertrouwd. Ondanks het late einduur van de Jazz in ’t Parkdag, ging die cd dezelfde avond nog in de speler. Redelijk tijdloos (en dat is goed), was de eerste gedachte, en ik had al spijt dat ik te moe was om er eens deftig naar te luisteren. Benieuwd naar dat concert. Het kwartet bleek al meer dan tien jaar samen te spelen, maar Desmyter was er niet op gebrand een cd op te nemen. Maar na het concert daags nadien, heeft dat album nog menigmaal onze cdspeler opgezocht.

Free Desmyter Quartet Free Desmyter Quartet

Kenmerkend voor de composities zijn het ritme, en de solo’s van John Ruocco’s saxofoon (en klarinet), waartussen een soms voorzichtige maar bijna steeds nadrukkelijk doordringende Desmyter de piano beroert. Dinsdag kregen we een nog elegischer en behoedzamer pianist te horen. Vaak leek het zelfs of de andere groepsleden een weigerachtige Desmyter een duwtje in de rug moesten geven om te soleren. Ruocco verdween een aantal keren demonstratief tot in de duisternis van de coulissen, om het zachte licht van de pianist beter tot zijn recht te laten komen. Deze mensen spelen duidelijk samen, en ook dat tilt de muziek tot een hoger niveau. (‘Live’ is ook bij deze groep overigens beter dan op cd.) Wij vonden het meteen al jammer dat deze set ingeperkt was door de double bill.

Edoch, de pauze was onvermijdelijk.

Het was een tien jaar geleden dat Dave Douglas voor het eerst in Vooruit op de planken stond (ik dacht dat ik twintig had gehoord, maar dat leek me iets té lang geleden). Wim Wabbes vermeldde nog even dat het eigenlijk de bedoeling was geweest elk project van de man in onze Gentse cultuurtempel op het podium te krijgen, maar mede door de drukbezetheid van Douglas was zoiets onmogelijk gebleken. Bovendien diende Vooruit ook nog andere artiesten een kans te geven om te concerteren –jawel, zo productief is Douglas.

Dave Douglas

In zijn beginjaren liet Dave Douglas zich vooral opmerken als trompettist in de John Zorn ensembles –twee jaar geleden stond hij met Zorn nog op het podium van het toenmalige Blue Note Records Festival (nu Gent Jazz). Tegen het einde van de jaren 90 begon de trompettist vooral met eigen projecten, waarvan Dave Douglas 3sound van dit trio heeft een onmiskenbaar New Yorkse tongval, al is Douglas naar eigen zeggen naar het platteland verhuisd “so the sounds are nog longer city and sirens, but they’ve been replaced by cows and chirping birds.” New York werd vermengd met West Coast, want voor dit project heeft Douglas ijverig geput uit de muziek van de eerder dit jaar overleden Jimmy Giuffre. En net zoals bij het Jimmy Giuffre 3 (in wisselende bezetting), bevat ook het Dave Douglas 3 geen drummer. Verrassend, zo werd gefluisterd, al valt in dergelijke formaties steeds weer op hoe bepalend en dragend een goede bassist wel is.

Scott Colley was dan ook fantastisch. Zijn bijdrage viel niet enkel op tijdens de menige solo’s, maar zijn melodische richting drong door tot in de duels tussen Feldman en Douglas. Het minst op de voorgrond kwam die violist Mark Feldman, die niettemin een waardevolle tegenpool was voor uitspattingen van Douglas. Als bipolaire magneten trokken ze elkaar aan, om zich net zozeer van elkaar af te stoten en zo de muziek een grotere dynamiek te geven.

De composities putten uit een heleboel standaards en jazz roots, en werden afgewisseld met eigen werk van Dave Douglas. Het muzikaal aanbod alleen al maakte dit concert tot geslaagd, de interpretaties en de virtuositeit van de muzikanten lieten het opstijgen tot ongetwijfeld één van de betere van dit jaar. Want de verwachtingen mochten dan al hoog zijn, ze werden stuk voor stuk ingelost.

Free Desmyter Quartet / Dave Douglas 3, gehoord op dinsdag 28 oktober in de theaterzaal van Vooruit

—-

Getipt:

Dit artikel werd (een dag) eerder gepubliceerd bij Het Project: vier tegen 3