Glimps 2014 – een kleine selectie

Vorige week was het Glimps in Gent, een driedaags showcase festival, waarin een aantal Belgische groepen aan buitenlandse pers en programmators wordt voorgesteld –en bij uitbreiding aan het gewone publiek ook natuurlijk. Donderdag kon ik er niet bij zijn, maar vrijdag en zaterdag trok ik telkens gedurende een paar uur naar het conservatorium.

Eigenlijk was ik ook graag naar BackBack in Trefpunt getrokken, maar een aanvangsuur van 23.30 u. is voor mijn oude botten iets te laat geworden. Ik heb de nieuwe cd hier gelukkig klaar liggen. Dat late uur, is verder geheel mijn probleem. Het uurrooster steekt evenwichtig in elkaar (ondanks de niet altijd even bruikbare website), en het secundaire doelpubliek (dat gewone publiek naast die pers en programmatoren dus) is jong genoeg om tegen het late uur te kunnen.

Het conservatorium dus. Vrijdag begon dat met Love Like Birds. Ik vond Elke De Mey voor het eerst via Mistlicht/Glimworm van Urgent in 2010, zag haar eindelijk live als Flash Support op Boomtown in 2011, en op 2012 stond ze daar als ‘echte’ groep op het podium.

Love Like Birds brengt zeer fragiele muziek, die bijzonder goed tot haar recht kwam in de akoestisch hoogwaardige Miry zaal van het conservatorium. Het was meteen ook het beste geluid van de vier optredens die ik er heb gezien. Hoewel de groep het voorlopig nog steeds bij dat ene album uit 2011 houdt, was er nieuw materiaal beschikbaar. Hopelijk worden ze opnieuw opgepikt.

Het Ragini Trio bestaat uit een kwartet van Nathan Daems, Lander Gyselinck, Marco Bardoscia en het ‘bakske’, dat voor de tanpura drone zorgt, het continue geluid dat zo typerend is voor Indiase muziek.

Ze speelden een inspirerend, organisch concert, met ruimte voor humor en heel wat vrijheid in de composities. Het concert vond plaats in de (veel) kleinere Mengal Zaal van het conservatorium dat ze dan ook probleemloos gevuld kregen.

Het laatste concert was een aangename ontdekking. Voor I Will, I Swear verhuisden we opnieuw naar de Miry zaal, waar de zaallichten het ganse concert om onbegrijpelijke reden niet werden gedoofd. Zangeres Fien Deman had het nochtans bedeesd en beschroomd gevraagd na het eerste nummer –“Mag ik dat vragen?” fluisterde ze onzeker. Blijkbaar niet, want de lichten bleven halsstarrig aan, om pas gedurende de laatste dertig seconden van het optreden volledig uit te gaan, waarop vervolgens de floodlights op de zaal aan gingen en het publiek alleen nog maar schimmen op het podium zag.

Ook het geluid was niet meteen ideaal. De groep was gevraagd een meer akoestische set te spelen, en er zaten dan ook drie strijkers op het podium (cello, altviool, viool). “Normaal gezien gebruiken we wel meer elektronica,” had Deman nog verklapt. De geluidsmix stond dan ook helemaal op die elektronica ingesteld. De strijkers waren nauwelijks te horen, en een veel te luide brij werd de zaal in gestuurd. Het is nochtans geen evidentie om de akoestiek van de Miry te misbruiken. Spijtig, want de groep had veel meer baat gehad bij eenzelfde geluid als bij Love Like Birds.

De muziek mocht er nochtans zijn. Ook deze liedjes zijn fragiel, maar op een totaal andere manier dan bij Love Like Birds. De composities zijn dramatischer, vol langgerekte (maar niet uitgerokken) melancholie, die de luisteraar probleemloos in hun wereld betrekken. Graag meer. (Maar bij voorkeur in betere omstandigheden.)

Zaterdag trokken we, nog steeds enthousiast over de vorige avond, opnieuw naar dezelfde locatie. In de Miry zaal opende (Bert) Ostyn, die na 11 jaar even van Absynthe Minded pauzeerde. Een andere klankwereld, stelde de blurb, en die was alvast behoorlijk luid. Nog goed dat ik oordoppen mee had, want de pieken bleven gretig boven de 100 dB. Mijn ding niet.

Een beetje later zat ik opnieuw in de Mengal zaal, voor de groep waar ik die avond eigenlijk naar het conservatorium was afgezakt. Het Rémi Panossian Trio had de zaal zo mogelijk nog voller gekregen dan het Ragini Trio de avond voordien, en kreeg aan het einde zelfs een staande ovatie. Panossian had in 2011 al lovende kritieken gekregen voor zijn album Add Fiction, en zijn BBang in 2013 bevestigde alleen maar de doorbraak.

Muziek die helemaal past in de huidige opzwepende jazzgolf.

Mijn laatste concert was Hydrogen Sea, waarvoor nu ook de Miry zaal helemaal volgelopen was (tot het balkon toe).

Het geluid stond goed en de liedjes kwamen helemaal tot hun recht, daarboven op het balkon. Er wordt verwezen naar The XX en Cocorosie, en dat lijkt allemaal niet echt overdreven. Het is afwachten op de doorbraak, wordt gefluisterd.