Stationsbuurt Noord

Stationsbuurt Noord door Bruno Bollaert

Gisteren heb ik gauw nog eens in de buurt rondgefietst om er foto’s te maken voor Patricia, die iets heeft geschreven over de Gentse Stationsbuurt Noord op Gentblogt, de buurt waar wij allebei wonen (en Animuz ook). En ik ben meteen op plekjes geweest waar ik nog nooit eerder ben geweest, hoewel ze hier nog op geen boogscheut afstand vandaan liggen (het Duifhuispark bijvoorbeeld). Het clubhuis in de Handbalstraat (foto) kende ik wél.

Pokken en andere jazz

Nog altijd van aften, dus de productiviteit ligt wat lager. Ik werk alles gestaag af, in volgorde van dringendheid. Voor de rest vermei ik mij aan een stevige dosis pijnstillers. Geef de morfine nog eens door.

Euh, dat was een grapje. Van die morfine, niet van die pijnstillers.

En ik heb een tekstje geschreven over Jazz in ’t Park, te lezen bij Gentblogt: Het overgangsjaar van Jazz in ‘t Park.

Ook grote bands houden van kleine kamers!

Noem het geen huiskamerjazz, want dat lijkt te veel alsof het om een jazzstijl gaat. Inside Jazz organiseert sinds 2008 huiskamerconcerten. Op de eerste editie hingen reeds foto’s aan de muren die rechtstreeks uit het jazzcafé van Opatuur nabij de Overpoortstraat kwamen; drie jaar later organiseert de vzw naast de huiskamerconcerten ook Special Tours, met AKA Moon bijvoorbeeld, of de Yves Peeters Group. Artiesten en groepen zoals WoFo, Christian Mendoza & Ben Sluijs, Kris Defoort, het Nathan Daems Quintet, Maria-Ann Standaert, en Yves Peeters, passeerden al in menige huiskamer. De concerten vinden plaats in Ertvelde, Kluizen, …en Gent!

Inside Jazz

Reden genoeg om (voor Gentblogt) eens te gaan praten met Jens Tytgat, één van de oprichters van Inside Jazz, over hoe het allemaal begon.

Wel, het is eigenlijk heel raar begonnen. Een kameraad (Sven De Scheemaeker) en ikzelf zaten bij een vriendin een fles wijn te drinken, wat te babbelen en ondertussen naar Bitches Brew van Miles Davis te luisteren. Te genieten dus. “Weet ge wat ik al altijd heb willen doen”, vroeg ik hem plots. “Een optreden geven hier in de living.”

Veel hebben we daar verder niet over gezegd, we hebben de fles wijn opgedronken en zijn nog naar een feestje getrokken, maar daags nadien belde ik hem op: “ziet ge dat nog zitten, eigenlijk?” We hebben wat overlegd, en dan hebben we dat eigenlijk gewoon gedaan. Nu, ik luisterde wel al heel veel naar jazz, maar kende niemand uit het wereldje. Wat doet een mens dan? Ik heb het internet afgeschuimd en gemakkelijk bands gevonden. We boekten er vijf — ik kwam terecht bij onder anderen Yves Peeters met het Koen Nys quartet, vond ook nog een gitaartrio, en we hadden als afsluiter Les Amis de Louis. En dat was wreed wijs; een heus feest! We wilden dat echt heel goed doen, en hadden overal flyerkes opgehangen, maar we hadden er geen idee van hoeveel volk er zou komen opdagen.

Was dat dan allemaal in diezelfde ruimte, dat die concerten plaatsvonden?

Nee. We hadden verschillende locaties gezocht, bij vrienden en hun ouders die dat zagen zitten om die muzikanten én de luisteraars te ontvangen. We hebben bijvoorbeeld een oude stal gevonden in de tuin van een advocaat. We hebben die stal helemaal uitgekuist en volledig geverfd, en als ruil mogen we die nu altijd gebruiken. Voornamelijk in de zomer evenwel, want de ruimte is niet verwarmd.

En kwám er veel volk?

We hadden plots 146 inschrijvingen, en we hadden er geen vermoeden van dat het zo’n vaart zou zijn gelopen. Het waren vier optredens en een eindoptreden, en wij hadden altijd gedacht dat een totaal van vijftig man (tien per optreden) een gigantisch succes zou zijn geweest. We hadden de muzikanten daar op voorhand ook voor gewaarschuwd, en ze zouden spelen voor een vrije bijdrage. Maar op het einde hielden de muzikanten daar dus toch nog een weliswaar bescheiden, maar toch deftige gage aan over.

De dag nadien werden we opgebeld door de Gemeente Ertvelde, of we niet eens wilden samenzitten, want ze zouden ons initiatief graag in hun programmatie brengen. Dus is er een tweede editie gekomen, en een derde, en zo verder. En dan begonnen we ook hier in Gent. Plots begonnen ons steeds meer mensen aan te spreken, die zo’n concert ook bij hun thuis wel zagen zitten. Sinds dit jaar zitten we daardoor ook in Brugge en Antwerpen, en we hebben al een voorstel gekregen voor Oostende, Stekene, en Brussel.

Het gaat plots allemaal heel snel. Te snel?

Nee, we zijn daarop bedacht. Ik heb geen zin om binnen een jaar te moeten zeggen “jongens het is wreed wijs geweest, maar nu is ’t gedaan”, enkel omdat we het niet meer aankunnen. Ik probeer dat rustig op te bouwen — er zijn overigens nog genoeg andere concerten. Maar zolang ook onze concerten genoeg volk aantrekken, blijven wij tevreden verder doen.

Inside Jazz

Is er ook een inhoudelijke lijn?

We proberen altijd — en dat is eigenlijk de opzet in alles wat we doen — om de zaken die we brengen, laagdrempelig te maken, en er zo voor te zorgen dat iedereen naar zo’n optreden kan komen. We gaan dus niet (noodzakelijk) voor de exotische of echt vernieuwende namen, maar voor de toegankelijkheid. We hebben vorige zomer een kleine navraag gedaan, en er waren veel mensen die aangaven dat ze nooit eerder een jazzconcert hadden bijgewoond, maar die het genre nu via ons hebben leren kennen. En sommige van die mensen hebben nu bijvoorbeeld een abonnement in Vooruit of in De Bijloke. En voilà: zo is onze opzet geslaagd.

We doen dus echt alles, van swingjazz over hard bop over eigentijdse jazz, maar het moet toegankelijk blijven. AKA Moon komt binnenkort, maar ook met hen spreken we af dat het toegankelijk moet blijven. Of er was de Special Tour met Kris Defoort, die speciaal voor onze concerten ook een paar standards in zijn repertoire had gestoken.

En dat is geen probleem voor die artiesten?

Die vinden dat de max. Voor hen is het ook meer afwisselend, en op die manier stellen ze hun eigen werk ook gemakkelijker open voor het publiek. Het is fantastisch om te zien hoe die muzikanten zich daaraan kunnen aanpassen.

Beginnen huiskamerconcerten net zoals andere jazzconcerten laat?

Nee. Enfin, ’t is te zien waar. We hebben concerten op zondag, en die beginnen om drie uur in de namiddag; op zaterdag beginnen ze wat later. In Gent bijvoorbeeld om half negen, in Brugge ten laatste om kwart voor acht; het hangt af van de mensen waar wordt gespeeld.

Blijven de mensen lang ‘plakken’ op de concerten? En wordt er daarna nog gejammed.

Soms wel heel lang, ja. En jammen, dat willen we wel doen, maar dat hangt allemaal af van de locatie en het aantal muzikanten. Een solist gaat niet alleen jammen hé. We hebben dat hier in de Meerhem bijvoorbeeld al gehad, en dan jamden ze nog tot drie uur.

Inside Jazz

Nieuwsgierigheid naar de huiskamer speelt waarschijnlijk ook een rol bij zo’n huiskamerconcerten?

Ach ja. De mensen kijken altijd graag eens hoe andere mensen wonen. En de mensen die ontvangen, doen ook hard hun best: ze trachten het de bezoekers zo comfortabel mogelijk te maken. Pas op, wij vragen dat niet hé. Wij huren de stoelen, en dan zetten de gastheren en -vrouwen daar graag nog tafeltjes tussen, met olijven en andere versnaperingen, en dat wordt ook altijd enorm geapprecieerd. Door iedereen.

Jullie doen ook aan kruisbestuiving met andere kunsten?

Op verschillende vlakken. Het gebeurt bijvoorbeeld dat we kunstwerken ophangen — we proberen dat dan te relateren aan jazz — in de huiskamers waar opgetreden wordt. Achteraf worden daar dan regelmatig werken van gekocht. Mensen die dat willen doen, proberen we daarin te stimuleren. In de zomervakantie zouden we graag een minifestival houden, een swingfestival. We hebben daarvoor niet meteen de middelen, dus we willen dat klein beginnen. We trachten een aantal Amerikaanse leraars te pakken te krijgen, die eerst in Zweden een ganse maand les geven, en daarna ook bij ons. We zouden ook graag een project doen waarin we poëzie verweven met jazzmuziek. We hebben de jazz poets en we hadden ook geïnformeerd naar Deelder, maar die was toch veel te duur gebleken.

Inside Jazz

Krijgen jullie subsidies?

Helaas niet. Het probleem is een beetje dat wij blijkbaar niet standvastig genoeg zijn; niet genoeg gebonden aan één buurt. Door een gebrek aan financiële middelen moeten we vaak ook dingen laten voorbijgaan die we liever niet hadden laten voorbijgaan. Soms krijgen we amper een paar dagen op voorhand een mailtje van een muzikant die nu in Parijs zit en een week later in Amsterdam, en of we daartussen niet nog iets hebben voor hem. Maar op zo’n korte tijd hebben wij geen garantie op voldoende publiek, en dus kunnen we dat vaak niet aannemen.

En aan tijd hebben jullie ook niet echt overschot. Wat jullie doen met Inside Jazz gebeurt na de gewone dagtaak…

Enkel al de social networking en de website onderhouden is een halve dagtaak. En dan zijn er nog de ticketing en de boekhouding. Maar dat is het allemaal waard. We hebben er verschrikkelijk plezier in, en krijgen eigenlijk bijna alleen maar positieve reacties. En dan is het echt leuk om dat allemaal in elkaar te (blijven) steken, om mensen tot de jazz te introduceren.

Binnenkort organiseert Inside Jazz een Special Tour met het AKA Moon trio. Het trio speelt eerst in Brugge en Antwerpen, maar op 25 en 26 februari wordt er ook in Gent gespeeld. Op 19 maart organiseert Inside Jazz in de Gentse Cocteau Chicken Jazz, ten voordele van ‘het Vwirani Business project’ in Malawi. Op 18 juni treedt de Yves Peeters Group op in Sint-Amandsberg.

Tickets en info zijn beschikbaar via de Inside Jazz website.

(Foto’s: website Inside Jazz; dit artikel verscheen eerder bij Gentblogt: Ook grote bands houden van kleine kamers!)

Gent Jazz op Gentblogt

Terwijl ze bij Gentblogt ijverig verslag uitbrengen van de Gentse Feesten, krijgt u hieronder nog een overzicht van wat er allemaal gepubliceerd werd over het voorbije Gent Jazz festival (de 9e editie, volgend jaar wordt het nog een groter feest).

One Step Beyond by Bruno Bollaert

Jazz, godverdomme!, een aankondigingsartikelvoor het eerste deel van het festval.

Gent Jazz uit de startblokken, waarin ElsS enthousiast bericht over De Beren Gieren, DjanGO!, en het iets minder begeesterende concert van Norah Jones.

Gent Jazz: en attendant Ornette, waarin ikzelf schrijf over het aangename wachten op Ornette Coleman, in het gezelschap van het Greg Houben Trio, Kurt Elling en de ellenlange Pierre Vaiana & Salvatore Bonafede ‘Itinerari Siciliani’ feat. Manolo Cabras.

Gent Jamm: Getuppa!, over de historische jamm session na het slotconcert van de Chick Corea Freedom Band, waarin het Vijay Iyer Trio en Hiromi –tot hun eigen ongeloof– kwamen meespelen. En het was al zo’n goede dag geweest, met Vijay Iyer en daarvoor de Christian Mendoza Group.

Gent Jazz: Toots: de Julian Lage Group en Toots, met daartussenin de Stanley Clarke Band feat. Hiromi. Was dit Middelheim? Of zondag?

Gent Jazz: voetbal; is dit jazz? vroeg men bij de radioKUKAorkestband. Ik deed een middagdutje bij de Jungle Boldieband, werd wakker geschud door Odean Pope & His All Star Odean’s List, die al gauw plaats moest maken voor Pat “no pictures please” Metheny.

Gent Jazz: Portugese stoelendans. Bram De Meyer schrijft voor het tweede gedeelte, en wij vergapen ons aan Cibelle, vinden dat Mariza een groeispurt heeft gekregen (of stelten onder haar rok verbergt), en laten ons doof maken door Gilberto Gil.

Gent Jazz: Countdown-feest der pioniers. Ze zingen wat vals, bij Vive Le Jazz, maar Danny Mommens en Els Pynoo weten ons zeer te charmeren. The Cinematic Orchestra is daarentegen als saai te omschrijven, en hoewel Kruder & Dorfmeister feat. MC Earl Zinger & Ras MC T- Weed, Visuals by Fritz Fitzke: The 16 F***king Years Anniversary Session een nog langere naam hebben opgegeven dan Pierre Vaiana & Salvatore Bonafede ‘Itinerari Siciliani’ feat. Manolo Cabras, vinden we hun muziek best te pruimen. Hun bassen iets minder, getuige daarvan de hoofdpijn en het vele nachtbraken na tien minuten frontstage.

Gent Jazz: Spannend, soulvol en silly. Wij horen Root, Gil Scott-Heron en de ambiance bij Madness, maar hebben iets te lang gedelibereerd (in de VIP area, dankuwel) over het Jong Jazz Talent Gent concours om echt van de concerten te hebben kunnen genieten.

Gent Jazz: Less Is More. Het begint met de HOGent Conservatorium Band, met een zangeres die lijkt te vrezen dat de fotografen het op haar korte kleed hebben gemunt. Het vervolgt met een misschien iets te vroeg geprogrammeerde Soil & ‘PIMP’ Sessions (aargh: daglicht, zien wij die kerels denken), Patrick (de sympathieke mens aan de persingang) ontdekt God in Joe Bonamassa, en wij gaan helemaal plat voor een authentieke Trixie Whitley.

http://www.flickr.com/apps/slideshow/show.swf?v=71649

Zie ook mijn Gent Jazz 2010 flickr set.

Inquisitie van een gedachtesprong

Oei. Toen ik gisteren mijn apologie voor de herwaardering van de actieve werkzoekende medemens schreef, heb ik onbedoeld tegen een paar schenen geschopt. Er lijkt iets mis te zijn gelopen in de transmissie (van de boodschap van zender naar ontvanger). Mijn lange schrijven schept verwarring, of op zijn minst toch het zinnetje

Ik zou de vrijwilligers van Het Project als voorbeeld kunnen nemen.

Op zich een mooie zin; zelf ben ik nogal te vinden voor de impliciete negatie die in de syntaxis zit ingebouwd. Maar de context waarin hij werd gebruikt, stelt klaarblijkelijk problemen voor de interpretatie.

Het is vanzelfsprekend niet zo dat Gentblogt, gemelijk bekend als Het Project, zou bevolkt worden door werkzoekenden. Of werklozen. Laat het duidelijk geweten zijn, voor Gent én omstreken: Gentblogt wenst zich (bij monde van het bestuur en haar geweten) te distantiëren van elke mogelijke insinuatie daaromtrent i. Zoals het eloquent werd aangereikt (ik parafraseer): “bij Gentblogt krijgt niemand een uitkering en speelt niemand van journalistje.” Of het zou op geheel aleatorische wijze moeten gebeuren.

In mijn ijver een voorbeeld aan te brengen heb ik een paar gedachtesprongen gemaakt, die net iets te groot zijn gebleken. Het ware misschien minder verwarrend geweest indien ik had geschreven:

Ik zou het vrijwilligerswerk bij Het Project als voorbeeld kunnen nemen.

Helaas, ook dat kan nog steeds als ambigu worden opgevat. In bovenstaande zin kan, in de gedachtegang van de Gentblogt inquisitie (Nobody expects the — !), het –overigens geheel onbezoldigde– vrijwilligerswerk theoretisch nog steeds worden verwezenlijkt door werkzoekenden.

Wat is er misgelopen? Laat ons even de ganse paragraaf erbij halen:

Stel u tevens voor wat zoiets kan betekenen voor het verenigingsleven. Werkloos zijn is hard werken, is het artikel waarnaar ik in de eerste paragraaf verwees. De auteur is Paul Blondeel, sociaal pedagoog (nee, niet die dus) en het verscheen ergens in april in De Morgen (het opiniestuk kan u ook lezen via 6minutes business). Blondeel stevende daarmee niet af op een verheerlijking van zwartwerk, maar stelt: burgers die formeel werkloos zijn, zijn vaak ontzettend ondernemend en leveren waardevol ‘werk’ dat nooit zal stollen tot commercieel betaalbare arbeid. (Ik zou de vrijwilligers van Het Project als voorbeeld kunnen nemen.)

De sprong die ik maakte was de volgende:

Stel u tevens voor wat zoiets kan betekenen voor het verenigingsleven. [Daarin zijn gedreven mensen actief en die] leveren waardevol ‘werk’ dat nooit zal stollen tot commercieel betaalbare arbeid. (Ik zou de vrijwilligers van Het Project als voorbeeld kunnen nemen.)

Geïmpliceerd: er werken veel gedreven vrijwilligers bij Gentblogt, en die leveren –binnen de context van Gentblogt– waardevol ‘werk’ dat –binnen diezelfde context van Gentblogt– nooit zal stollen tot commercieel betaalbare arbeid.

Verder geïmpliceerd: stel u voor dat er zo’n paar gedreven maar thans verplicht passief gehouden werkzoekenden zouden kunnen meewerken aan een project zoals Gentblogt, dan zou dat meteen perspectieven kunnen ii bieden voor de vereniging.

Jawel, hij is wat groot voor sommigen, die sprong. Nog goed dat Michel, Steven en Ilse zich meteen op de kern van de zaak richtten in hun commentaar bij mijn apologie. Stel u voor: u had misschien kunnen veronderstellen dat er werkzoekenden ‘werken’ bij Gentblogt. Nee maar, serieus: stel u voor!

  1. Laat het meteen ook geweten zijn dat de reacties van die mensen helemaal niet representatief zijn voor de geest binnen Gentblogt. Laat mij ook stellen dat het cynisme in deze tekst geheel misplaatst is t.o.v. van de vele vrijwilligers die steeds opnieuw waardevol werk leveren, naast of bovenop hun dagtaak. Ik ben er evenwel van overtuigd dat zij wél in staat zijn deze tekst –en het voorbeeld in de vorige tekst– juist te kaderen.
  2. ‘Kunnen’, niet ‘moeten’, benadruk ik meteen –voor de inquisiteurs opnieuw bloed ruiken. Stel u voor dat zij alsnog worden verplicht samen te werken met werkzoekenden. De schande!