homarus 8: chocolademousse

Het was een tijdje geleden dat ik nog eens over een recept uit de homarus trilogie had bericht. Bij deze geef ik u –zo vlak voor het weekend– één van de meest eenvoudige recepten om te bereiden. En volgens een hele hoop kinderen (en zelfs volwassenen, zo heb ik mij laten vertellen), één van de lekkerste.

Veel mensen ‘sukkelen’ met chocolademousse: het gerecht is te zwaar, of –godbetert– te zoet. Wel, na dit recept kan u al die argumenten overboord gooien. Niets is zo eenvoudig als chocolademousse. En zoals steeds, het resultaat hangt enkel af van de kwaliteit van de ingrediënten die u gebruikt. Veel hebt u alvast niet nodig. Al levert dit recept toch meteen een redelijk behoorlijke hoeveelheid chocomousse op.

homarus 8: chocolademousseBenodigdheden

  • 5 dl (een halve liter, inderdaad) koude room
  • 6 eiwitten
  • 300 g chocolade

Zeg nu zelf, iedereen heeft dit alles binnen handbereik, en anders brengt u het mee van uw volgende uitstap naar het regionale grootwarenhuis. Of van bij uw buurtkruidenier.

De room haalt u uit de koelkast, de eiwitten (*) zijn bij voorkeur van eitjes die (desnoods de dag zelf) op kamertemperatuur worden bewaard, en de chocolade, tsja, daar kan u zelf zo gek doen als u wenst (**). Hebt u liever een zoete chocomousse, dan gebruikt u melkchocolade. Mag hij wat bitterder zijn, dan gaat u voor de donkere variant. Ik gebruikte een fancy chocolade uit Ecuador, 75% cacao gegarandeerd, maar ik gebruik net zo goed de overschot van de chocolade postuurkes die Sinterklaas of de paashaas ons huis heeft binnengesmeten.

Zo gemaakt

Klop 4 dl van de room flink op (heel handig met die KitchenAid Artisan, maar gaat net zo goed met een garde), en zet in de koelkast.

Klop de eiwitten stijf, maar niet droog (gevaarlijk met die KitchenAid Artisan, want ge zijt er rapper dan gedacht). De eiwitten moeten pieken kunnen vormen, maar moet nog makkelijk met iets anders mengbaar zijn. Zet in de koelkast.

Giet de resterende 1 dl room bij de chocolade, en smelt ze au bain marie. Dat gaat evenwel net zo goed in de microgolf (op 300 of 600W), en veel sneller. Roer tot een homogeen mengsel.

Spatel nu de koude, opgeklopte, room onder de chocolade, en nadien voorzichtig het (opgeklopte) eiwit. Voorzichtig, want het is vooral het opgeklopte eiwit dat van uw chocomousse een luchtig dessert maakt.

Plaats in de koelkast, en laat minstens twee uur opstijven.

homarus 8: chocolademousse

Smakelijk!

(*) De aandachtige lezer heeft waarschijnlijk opgemerkt dat u met zes eigelen blijft zitten. Plaats die alras in de koelkast, want geen nood, ik heb nog iets anders bereid (ook een dessert). Het recept daarvoor, dat krijgt u morgen!

(**) Opgelet, als u witte chocolade gebruikt, moet u twee (in water geweekte en uitgeknepen) gelatineblaadjes toevoegen, anders stijft de witte mousse niet op!

homarus 5: bruinbrood

Ondertussen heb ik reeds een tijdje een beproefd en goed bevonden broodrecept, maar in het kader van mijn Homarusproject, wou ik toch ook even hun recept proberen.

Bruinbrood (de basis, p. 222). De foto in het basisboek ziet er al geheel anders uit dan ik van zelfgebakken brood gewend ben, maar datzelfde prentje zou wonderwel waarheidsgebtrouw blijken. Het Homarus bruinbrood is compact en dense, zacht maar zwaar.

bruinbrood

Nodig: 25g gist, een beetje suiker, een beetje zout, 3dl water, 650g tarwebloem. Erm, en een mengkom, een bakvorm en een oven –maar dat had u al door waarschijnlijk.

Brokkel de gist met de suiker in een derde van het water en roer goed door. Laat een minuut of tien staan. Giet ondertussen de bloem in de mengkom, en strooi er het zout over. Giet het gistmengsel erover, en meng. Voeg geleidelijk aan de rest van het water toe, tot het deeg goed kneedbaar wordt.

bruinbrood bruinbrood

Kneed gedurende een geruime tijd het brood, tot het deeg soepel voelt. Dat staat er altijd bij, dat het deeg soepel moet zijn, en dat is niet zomaar. Het deeg moet glad zijn, maar mag niet meer aan de handen kleven. Je kan gerust tien tot zelfs twintig minuten kneden –voor brood kan je eigenlijk niet te veel kneden, de eerste keer.

Laat het deeg rijzen in de mengkom, gedurende ruime tijd –denk twee tot zelfs drie uur. Kneed dan nog eens, en laat opnieuw rijzen, tot het in omvang verdubbeld is. Kneed nog eens, en doe het in de bakvorm. Laat opnieuw rijzen tot het alweer verdubbeld is in omvang.

bruinbrood

Verwarm de oven voor op 200°C, en bak het brood bruin (heb u hem?) in zo’n dertig tot veertig minuten.

Dit brood was, zoals bij het begin vermeld, veel gecomprimeerder dan wat ik gewoon was. Niet mijn favoriete brood, maar zeer geschikt om bijvoorbeeld restjes saus mee van het bord te eten.

homarus 1: minestrone (a soup for al seasons)

Dat ik wild word van soep, weet u onderhand al. Er bestaat geen beter comfort food. Ziek, misselijk, zwakjes, teneergeslagen, of gewoon hongerig, soep is het antwoord op al uw wensen.

Minestrone (de basis, p. xxx) is één van die soepen die ook perfect te drinken zijn als ge een beetje ziek zijt. Het is in feite niet (veel) meer dan een kippenbouillon met stukken grofgehakte groenten in.

Benodigdheden: kippenbouillon, drie reepjes gerookt spek, een ajuin, het wit van één prei, twee stengels bleekselderij, twee wortels, wat knoflook, twee aardappelen, en seizoensgroenten (ik kom er op terug).

Alles begint dus met die bouillon van kip. Daarvoor laat u het karkas van een kip in drie tot vier liter water met wat prei, selder, wortels, een ajuin, en kruiden waaronder wat tijm en laurierblad, een tweetal uur op een zacht vuur pruttelen (nadat u het eerst aan de kook hebt gebracht, en afgeschuimd). Het eigenlijke werk begint pas daarna.

minestrone minestrone

Bak een drietal reepjes gerookt spek in wat boter, en voeg er de (grofgesneden) groenten aan toe: ajuin, preiwit, bleekselder, wortels, knoflook. Laat een minuutje of twee op het vuur staan, en voeg dan twee liter van de bouillon toe. Breng aan de kook en voeg de seizoensgroenten toe.

Seizoensgroenten zijn een beetje uit de mode geweest, met al die geïmporteerde groenten. Maar ze zijn aan een come back begonnen. Als u bijvoorbeeld geabonneerd bent op een biopakket met biologische groenten, die u wekelijks bij uw afhaalpunt ophaalt, dan zitten daar steeds seizoensgroenten bij.

Wij gebruikten deze keer voornamelijk bloemkool en wat sluimererwten, maar u kan er net zo goed princessenbonen, rapen, of broccoli voor gebruiken. Voeg ze –alweer grofgesneden– aan uw soep toe. Als u meer dan één groente gebruikt, let er dan wel op of ze even snel gaar worden. Anders moet u de ene groente iets eerder (of later) in de soep doen.

Vijf minuten voor de soep klaar is voegt u nog snel een brunoise van aardappelen toe. Laat u niet afschrikken, een brunoise is niets meer dan een hoop fijngesneden blokjes groenten. Makkelijk zat, alleen opletten van de vingers met die scherpe messen (u hoeft ook zo snel niet te snijden als de TVkoks).

Klaar (serveer deze soep in soepborden, niet in kommen of tassen). Laat het u smaken.

minestrone

Oh ja. Vaak voegt men aan het begin van de bereiding (vóór de bouillon wordt toegevoegd) nog passata of tomatenpuree toe, en aan het einde durft men ook wel eens een brunoise van tomaat toevoegen. En spaghetti, die u eerst afzonderlijk hebt gekookt, maar zelf ben ik niet zo’n fan van pasta in mijn soep.

(Een gelijkaardig verhaal verscheen gisteren op Gentblogt.)