Het failliet van de traditionele media

Ziet ge wat ik daar deed? Ik kan dat ook, zo’n opruiende titel bovenaan mijn bericht zetten.

De kranten doen vandaag weer aan een potje kringrukken. Traditionele media, vormt één front, scanderen zij, als farizeeërs in de heilige tempel der berichtgeving.

Het zal weer lang duren.

Omdat het al zo veel is voorgekomen, herinner ik mij niet eens de laatste keer dat Yves Desmet, voor eenzelfde soort schijnvertoning, in zijn pen was gekropen en zichzelf amechtig in het stof wierp. En voor alle duidelijkheid: ik weet het ook even niet goed meer, beëindigt hij zijn schotschrift. (Ik herinner mij dan weer wel hoe hij, in de vorige eeuw, zonder schroom zijn wettelijk beschermde bron vrijgaf aan het gerecht om zijn eigen hachje te redden.)

Brecht Decaestecker citeert Thomas Siffer, gereformeerd moraalridder, die in een vorig leven bij Flair werkte, en bij Menzo, en vervolgens hoofdredacteur was bij Story. Hoe ging dat spreekwoord alweer? Stropers zijn de beste boswachters? (Dat is een trend bij Siffer.)

Het is niet alsof ze in de traditionele media de waarheid verkeerd durven voorstellen natuurlijk. Gisteren nog las ik in De Morgen dat Belgische wetenschappers een revolutionaire manier hebben ontdekt om kanker te stoppen. Helemaal op het einde van dat artikel staat een korte waarschuwing: “met wat geluk kunnen we dit binnen 10 tot 15 jaar op de markt brengen.” Aan de arts om aan de patient uit te leggen, dat het artikel eigenlijk had moeten stellen dat er een belangrijke wetenschappelijk doorbraak is in het onderzoek naar kanker. Dat is niet echt hetzelfde als de vijfduizendste cure for cancer die De Morgen al heeft geblokletterd.

Of er is Peter De Lobel, redacteur wetstraat bij De Standaard, die doelbewust (sensatiebelust) informatie verzwijgt in het artikel Een lief klein blauw vogeltje, waarin hij fulmineert tegen de sociale media, als was het een nieuw fenomeen.

De officiële Twitter-account van Delhaize moest op een gegeven moment aan schadebeperking doen nadat een zelfstandige uitbater van een AD-Delhaize in Kortenberg zwaar uit de bocht ging. Hij wenste andere socialisten eenzelfde lot toe als Stevaert. De warenhuisketen distantieerde zich van de ‘onaanvaarbare uitspraken’ en beloofde ‘de nodige stappen te doen’.

Dit lijkt alsof die uitbater, nadat de tragische dood van Stevaert bekend was, heeft gewenst dat alle socialisten eenzelfde lot zou overkomen. Een zonder meer verderfelijke uitspraak, iemand de dood toewensen.

Edoch in werkelijkheid, heeft die uitbater, hopelijk voor hem onder invloed van vele sloten Delhaizewijn, (maar vooral:) nog voor die tragische dood bekend was, getwitterd “Van mij mogen alle rooi in ’t kanaal springen !” Een van weinig goede smaak getuigende tweet, absoluut. Het is echter niet meer dan een uitspraak van een tooghanger, een halfdronken plezante nonkel, bijzonder irritant en heel erg zielig, maar zonder verder genoeg kwaadaardigheid in zijn corpulente lijf (daar heeft hij de intelligentie niet voor), dat het belangrijk genoeg is, om er ook maar één moment bij stil te blijven staan.

Het serieux dat de traditionele media aan dit soort berichtgeving toekent, toont al hoe paradoxaal hun beweringen zijn. Ze maken van hun eigen redeneringen een self-fulfilling prophecy, die ze verder voeden door de publicatie van zwaar opportunistische artikels. Onderwijl kloppen ze elkaar theatraal op de schouders, vingerwijzend naar de weinig terzake doende sociale media.

Wordt het niet hoog tijd dat ze zich wat meer laten opvallen door een helaas oneigen kwalitatieve berichtgeving? Er zijn nog goede journalisten, jawel. Er zijn er zelfs genoeg, zodat ik geabonneerd blijf op zowel De Morgen als De Standaard. Maar ik durf ze niet te vergelijken met de internationale pers.