Black Dub

Black Dub, de groep rond Canadees Daniel Lanois stond begin dit jaar geboekstaafd als festivalafsluiter voor Gent Jazz (editie 2010). Iedereen keek er al naar uit, vooral gezien de hype die er reeds op dat moment al waarde rond de groep waarvan ook de (half-)Gentse Trixie Whitley deel uitmaakte, samen met drummer Brian Blade en bassist Daryl Johnson. In juni liet Lanois echter ei zo na het leven in een motorongeval in Los Angeles, waardoor het geplande concert niet kon doorgaan. Bijzonder jammer voor Lanois –zowel het ongeval als het gemiste concert– maar ook voor Trixie Whitley, op wiens bijzonder frêle schouders het slotconcert van het festival terecht kwam. Dat slotconcert bleek dan weer een treffer van formaat te zijn, en Whitley wist schijnbaar moeiteloos (maar niettemin zichtbaar zenuwachtig) de harten van het Gentse publiek voor zich te winnen.

Een paar maanden later ligt dat ondertussen bijna mythische album dan toch in de winkel, zowel als cd, als in een luxueuze vinyl editie. De verwachtingen waren door de hype tot een onrealistische hoogte gestuwd, en een deel van de muziekpers is dan ook met een hevige klap opnieuw op aarde gespat. Is Lanois immers niet die fenomenale producer die U2 en Dylan heeft bediend en Peter Gabriel en Neil Young? Is dat niet de man achter The Joshua Tree en Time Out of Mind die resp. in 1987 en 1997 de Grammy Award voor beste album wegkaapten? Op Black Dub werkt hij met de relatief onbekende Whitley en de voor het grote publiek bijna geheel onbekende Johnson (niet echt onbekend voor wie Lanois volgt natuurlijk) en de enkel in jazzkringen enigszins bekende Blade. En produceert hij een niet te categoriseren sound; het is alvast géén jazz, maar is het pop of rock of country of blues? Of de gevreesde Americana?

Wel, who cares? De klank appelleert aan de jaren 80, met de trage gitaarrifs en de wat rauwe, getormenteerde stem van Whitley. Hipsters zouden het omschrijven als vintage en meteen passend verklaren als soundtrack bij Streets of Fire. Toegegeven, die nostalgie is nooit ver te zoeken, maar tegelijkertijd biedt die familiariteit ook een houvast. Niet alle nummers zijn even sterk –de albums waarop dat wel zo is, zijn helaas erg zeldzaam– maar vooral Whitley heeft met deze plaat een sterk visitekaartje in handen.

Jammer dat we de groep deze zomer niet aan het werk konden zien op Gent Jazz, maar naar verluidt vertrekt Black Dub opnieuw op tournee. Al stonden ze vorig jaar nog maar in de AB, dus zal de kans wel klein zijn dat ze alsnog eens naar België komen? Als troostprijs dit Tiny Desk Concert uitgezonden op NPR. (Het fantastische I Believe In You begint ongeveer 9 minuten ver in de video.)

Er is ook een officieel Daniel Lanois kanaal op YouTube, maar Sony Music Entertainment doet bijzonder kleinzierig wat betreft de video’s aldaar. (This video contains content from Sony Music Entertainment. It is not available in your country.) Het album vindt u gelukkig wél gemakkelijk terug in cd en lp versie, of via iTunes.

2 gedachten over “Black Dub”

  1. Waaw, knappe muziek, knappe stem. Ik had nooit gedacht dat ik ooit iets graag zou horen waar jij van houdt, Bruno, ik heb een afkeer van jazz 🙂 Bedankt voor dit pareltje!

  2. Als ik naar een onbewoond eiland zou verbannen worden en maar 10 CD’s zou mogen meenemen, dan neem ik zeker Daniel Lanois’ werk “For the beauty of Wynona” en “Acadie” mee. Behoort tot mijn “all time favorites” en ben die na al die jaren nog niet beu gehoord.
    Jammer genoeg werkt die chemie niet bij Black Dub. Heel jammer, maar ik kan mij niet echt vinden in de stem van Trixie.

Reacties zijn gesloten.