Daarnet belde de vriendelijke meneer van UPS aan, met een piepklein pakje… de Kindle! Meteen objet du désir van de ganse familie. (Edoch: Tessa heeft al een Nook, en Henri is te jong… kan ik maar proberen.)
You are currently browsing the archive for the computers & internet category.
Het staat vol in de gazetten over de iPad natuurlijk. Ze willen allemaal de eerste zijn met hun bespreking, waar ik verwachtensvol naar ging bladeren (al dan niet digitaal). In plaats van een bespreking kreeg ik in beide instanties, zowel bij De Morgen als bij De Standaard, getuigenissen. Dat is een totaal oninteressante en gemakzuchtige manier van journalistiek (als ik geïnteresseerd ben in iemands mening, lees ik zijn weblog wel); als het dan ook nog eens vol halve waarheden staat…
Neem nu Mia Doornaert, columniste van De Standaard. Ze begint als volgt:
Patulae recubans sub tegmine fagi, in idyllische landelijke rust, probeerde ik de iPad uit. Onmiddellijk een grote teleurstelling. Het model dat ik meekreeg was het goedkopere waarvoor je draadloos internet nodig hebt. En dat had ik dus niet in het lommer van wat om eerlijk te zijn niet een fagus (vijgenboom) is maar een hoge ratelpopulier in een heerlijke tuin in Damme. Als nogal Blackberry-verslaafd wil ik kunnen googelen en e-mailen enzovoort waar en wanneer ík dat wil, niet waar en wanneer mijn omgeving dat toelaat. Slecht punt dus.
Laat ons met Latijn beginnen, moet ze gedacht hebben, dat staat verstandig, en ik kan de insiders meteen laten weten dat ik Vergilius heb gelezen –of toch kan citeren. Helaas zit mevrouw Doornaert opgescheept met de WiFi versie van de iPad, en beschikt ze niet over de 3G die ze eigenlijk verlangt. Haar bovenstaand waardeoordeel houdt dan ook net zoveel steek als zeggen dat de achterdeuren van uw driedeursversie VW Golf niet open gaan.
Een tekort vind ik ook dat er geen USB-poort aan is, wat het doorsluizen van data en foto’s en films en dergelijke sterk bemoeilijkt.
In deze bewering wordt ze versterkt door haar collega Ruben Mooijman, chef economie van De Standaard, die net hetzelfde poneert. Misschien hebben zij een verschillend model iPad, maar mijn toestel kan ik via USB met mijn computer verbinden. Het is geen standaard USB poort (Apple zal wel een reden gehad hebben, of wou gewoon dwars liggen), maar hey, het gaat vele keren rapper dan via WiFi. Misschien vonden ze gewoon de verplichting om via iTunes te moeten gaan verschrikkelijk hinderlijk, maar dat is dan weer een ander paar mouwen. Foto’s, muziekbestanden en zelfs heelder films van de computer naar de iPad versassen, verloopt rapper dan.. ghoh, De Standaard downloaden.
Al ben ik het eens met Houbi, en ben ik zeer sterk geneigd om een iPad abonnement op DS te nemen. Trouwens, beste mensen van De Standaard, ik heb betaald voor die iPad app, is het niet ongelooflijk onbeschoft dat u mij verplicht om een reclamepaneel te bekijken terwijl uw applicatie (tergend traag) opstart? En terwijl u toch bezig bent, kan u meteen linker- en rechtertap toevoegen om respectievelijk naar de vorige of de volgende pagina van de krant te gaan –swipen heeft nogal de neiging niet te willen werken in uw app. En een spread van twee pagina’s in landscape mode? En een tekstversie met foto’s (instelbaar)? Dankuwel!
Tags: computers, de krant, de morgen, de standaard, iPad
Voor u ligt dat waarschijnlijk anders, maar voor mij is het nu niet meteen het meest ideale moment om aan mijn computer te sleutelen. Morgen begint Gent Jazz, en dat betekent dat ik de komende dagen voor niets anders dan dit heerlijke festival tijd ga hebben. Dus dacht ik, ik ga eens een harddisk bijsteken. En gezien ik het beu ben van harddisken te moeten bijsteken, kocht ik mij maar een NAS (Network Attached Storage). Dat is verantwoord gezien het veelvoud aan huishoudelijke computers die allemaal moeten gebackupt worden en waarvan de gegevens allemaal op die computers verspreid staan. Een versie hier, een versie daar, en dat zorgt voor evenveel problemen als versies.
Maar nu ben ik dus 4 GB aan ‘t versassen naar een NAS, en dat duurt. En dan moet ik die NAS nog migreren van RAID 1 naar RAID 5 (want ik kon het toch maar moeilijk van den eersten keer doen zoals het moest). En dan nog een backup maken ook (RAID is not backup).
Het was van moeten overigens, die nieuwe harddisk. Ik had nog 40 GB vrij op mijn fotoharddisk, en vorig jaar heb ik tijdens Gent Jazz zo’n 25 GB aan foto’s gemaakt. Too close for comfort, wat mij betreft.
Een digitaal boek laat zich eigenlijk op dezelfde manier lezen als haar papieren voorloper. Een boek bestaat uit een tekst opgedeeld in hoofdstukken, vaak met een titel, die dan (meestal toch) nog eens verder zijn opgedeeld in paragrafen.
In de gedrukte versie werd dat –hopelijk– allemaal mooi vorm gegeven, inbegrepen de keuzes van het lettertype, lettergrootte, woord- en regelspatiëring, en algehele bladschikking. Bij digitale boeken is de vormgeving veel beperkter.
Er zijn drie iPad apps waarmee ik momenteel mijn digitale bibliotheek opbouw: iBooks van Apple; Kindle van Amazon, en Kobobooks waarmee ook Borders in zee gaat. Alle apps houden (vanzelfsprekend) bij tot waar u in het boek gevorderd bent; bij alledrie kan de lichtsterkte aangepast worden en de grootte van het lettertype.
Om Apple iBooks te kunnen gebruiken, heb ik een Amerikaanse iTunes account aangemaakt (met een adres uit één van de taxvrije staten), dat ik spijs met iTunes gift card gekocht in de Safeway. Werkt tot nog toe zonder enig probleem. Kindle boeken kopen werkt gewoon zoals een ander boek kopen, behalve dat ik enkel de boeken voor de Europese markt kan kopen en ze vaak duurder zijn dan bij Apple –maar Amazon heeft méér boeken. Mogelijks kan ik die beperking omzeilen op een gelijkaardige manier als bij Apple. Kobobooks werkt zoals Amazon. Op de drie systemen kan het begin van een boek als voorproef gratis worden gedownload. Veelal gaat het om een tiental bladzijden, in elk geval genoeg om te zien of de schrijfstijl u ligt. Heel handig.
Apple iBooks is, wat leesgemak betreft het meest interessant. Er zit een woordenboek ingebouwd (woord selecteren en dan op ‘dictionary’ klikken voor uitleg, zonder de applicatie te verlaten of zelfs maar het boek te sluiten); er kan een bookmark gemaakt worden van een stuk tekst (niet van een blad); er kan gezocht worden op tekst.
Het minst geslaagd is de manier waarop Apple de boeken presenteert: in een lelijk nagemaakte boekenkast die zelfs min of meer blijft staan als men de boeken als lijst bekijkt. Rangschikken op auteur lijst de gekochte boeken op aan de hand van de familienaam, en de samples aan de hand van de voornaam: verwarrend, en eigenlijk waardeloos. Ook de interface waarin men een boek leest is zoveel mogelijk gemaakt om aan een echt boek te herinneren. Het stoort niet, maar het hoefde niet echt.
Wel schitterend is dat er twee bladzijden worden getoond als men de iPad van portret naar landschap modus heroriënteert. De twee andere apps smeren het boek desgevallend gewoon over de lengte van het scherm uit, wat het lezen moeilijker maakt (te lange regels).
De regelafstand is bij iBooks ruim genoeg; naast de lettergroote kan ook het lettertype zelf gewijzigd worden. De interface toont ook de titel van het boek bovenaan, en het aantal bladzijden onderaan (pagina zoveel van zoveel). Desgewenst wordt ook getoond hoe ver men in het boek zit, of hoeveel bladzijden er nog in het hoofdstuk overblijven. Zeer handig.
De Kindle leest het minst comfortabel: de regels plakken net niet aaneen, en dat stoort vaak. Er wordt ook niet getoond hoeveel bladzijden er zijn, maar wel op welke positie men zich bevindt (bijvoorbeeld het nietszeggende position 1128 – 1139) en het percentage waarin men gevorderd is in het boek. Amazon heeft wel een mooie presentatie van de boekenlijst; er kunnen notities gemaakt worden en bookmarks geduid. Grote troef van het Kindle systeem: whispersync, dat niet alleen dient om de boeken te downloaden, maar ook de positie waar u zich in het boek bevindt markeert. Op die manier kan u bijvoorbeeld gewoon verder lezen op een andere computer (windows, mac, kindle, iPad, iPhone).
Kobobooks leest het meest comfortabel, maar het doet ook niet veel meer dan dat. De tekst is luchtig, net goed geschikt; het lettertype kan gewijzigd worden net zoals de lettergrootte. Er kunnen bookmarks gemaakt worden (enkel een pagina), maar er wordt nergens getoond hoever men reeds in het boek is gevorderd (enkel in het hoofdstuk –redelijk vervelend). Maar het heeft de meest aangename bladschikking.
Het is jammer dat Apple geen iTunes voor boeken heeft gemaakt. Cover flow boven een lijst van boeken was veel interessanter geweest dan zo’n fake boekenkast. iBooks is jong, hopelijk komt Apple dra met een verbeterde versie uit, toch wat book management betreft.
Jammer ook, dat er geen obvious manier is om de boeken te beheren. Op het eerste gezicht is er geen mogelijkheid om de boeken die in de drie systemen worden aangekocht samen te brengen. Een groot hiaat!
Het ander probleem is momenteel een beetje het aanbod; zowel inhoudelijk als de manier waarop de inhoud wordt verstrekt. De digitale boeken zijn voornamelijk op de Amerikaanse markt afgestemd, al hoop ik dat er binnenkort verandering in komt, eenmaal de iPad ook in Europa beschikbaar komt. Voorlopig krijg ik overigens vaak ook nog dit soort boodschappen te zien: “Unfortunately, based on your geographic location, the publisher of this content has not granted us the right to sell this content to you.”
De uitgevers lijken wel in dezelfde valkuilen te zullen trappen als die waarin hun gewaardeerde collega’s uit de muziekindustrie al zijn getrapt. Een te duur, te beperkt, en te restrictief aanbod. Hoewel ze zich voorlopig nog niet echt zorgen moeten maken over ebook piracy, is het nu hét moment om aan klantenbinding te denken. Voor het te laat is en ze, met grote, koude krokodillentranen op de wang, iedereen voor dief gaan uitmaken.
—
Lees ook:
- The iPad, the Kindle, and the future of books, The New Yorker, 26 april 2010
- Comparison of eReaders
- How to create a US iTunes App Store account when you’re not in the US
—
Ter referentie, ik heb ondertussen al zes boeken via iBooks gelezen, twee via Kindle, en twee via Kobobooks.
Twee jaar geleden verbleven we reeds gedurende drie maanden in Seattle. Ik herinner mij nog dat ik een aantal boeken had meegebracht uit België, niet te veel, maar wel genoeg om mij tijdens de vliegreis bezig te houden, en tijdens de begindagen aldaar. Tijdens de eerste maand had ik amper twee boeken gelezen, maar in de twee maanden daarna heb ik er negentien boeken doorgejaagd. De meeste daarvan had ik in Seattle gekocht, en die moesten dus ook allemaal mee naar huis. Gelukkig kwamen mijn schoonouders op bezoek, en werden die bereid gevonden om toch al een deel van die boeken mee naar Gent te nemen.
Dat probleem is deze keer van de baan –enfin, toch gedeeltelijk. Ik heb geen papieren boeken gekocht (op drie na, waarvan twee tweedehands), maar Henri heeft de schade ingehaald. Ik lees al mijn boeken nu op de iPad, en ik neem mij voor om geen papieren exemplaren meer te kopen –mits enige uitzonderingen. Op papier koop ik enkel nog non-fictie boeken (genre: filosofie, muziek, naslagwerken, e.d.); literaire boeken die ik echt in handen wil en/of digitaal niet beschikbaar zijn; en tweedehands.
Eén van dé grote voordelen van de digitale bibliotheek is dan ook bookshelf 2.0. Een iPad herbergt voor een paar gigabyte aan boeken, mogelijks meer dan u er in uw leven leest. We kunnen een boompje (een gans bos waarschijnlijk) opzetten over de tactiele sensualiteit van het gedrukte boek, de geur van verse inkt, en de witte maagdelijkheid van de bladen. Ik ben daar zeer aan genegen, maar ik denk dat ik de mentale knop heb omgedraaid. Het overgrote deel van mijn boeken ligt stof te verzamelen en woonruimte in te nemen. Ik herlees mijn boeken zelden. 1% zal al veel zijn, vermoed ik –er is al zoveel geschreven, er is zoveel te ontdekken dat het soms wel zonde lijkt om boeken te herlezen. Mogelijks is Henri er nog in geïnteresseerd (het ziet ernaar uit van wel), maar dan nog kunnen zijn literaire interesses geheel verschillend zijn van de mijne –het is tussen Tessa en mijzelf al behoorlijk verschillend.
Dus kan ik ze net zo goed digitaal lezen.
(Morgen ga ik dieper in op het lezen zelf.)
Het zal nu zo ongeveer een maand geleden zijn, dat ik in Redding, CA een iPad heb gevonden. We hadden eerst een paar Apple Stores aangedaan, waar Henri de dingen wel gretig bepotelde, maar waar ze telkenmale waren uitverkocht. Ik had er mij al bij neergelegd dat het tot in Seattle zou duren eer ik er één kon bemachtigen, tot Tessa in Redding een onooglijk klein plakkaat zag met daarop Apple Store, now open! (dat zwarte appeltje, links op de foto).
We waren alledrie redelijk verbouwereerd toen we er een grote stapel onverkochte iPads troffen, in alle toen beschikbare maten (dus geen 3G’s).
De eerste dagen dat we in Seattle zaten, heb ik Tessa meermaals aan de telefoon naar huis begeleid. Aan de hand van de standaard Maps app (gevoed door de wifi), kon ik haar perfect vertellen welke richting ze uit moest om de bus te halen, inclusief de trappen die ze zou tegenkomen, of het restaurant dat ze “waarschijnlijk zo nu ongeveer” aan haar linkerkant zou voorbij stappen. En het ding is snel. Maps is sneller dan via Google Maps op de computer, en is veel groter op het scherm.
De iPad is geen vervanger van de computer. Het is een informatie hub, waarop ik mijn newsfeeds lees (NetNewsWire dat synchroniseert met Google Reader) en eventueel de langere stukken naar Instapaper stuur (of verder lees); mijn mail check; rap wat informatie opzoek (via Safari); documenten op mijn Dropbox account bekijk; wat notities neem in Evernote; een spelletje speel (Angry Birds, Labyrinth 2); mijn adresboek, kalender en passwoorden (1Password) gesynchroniseerd heb, en boeken (iBook, Kindle en Kobobooks) en ook al eens een stripverhaal (via Comixology) of een tijdschrift lees (foto hierboven: de PDF versie van Downbeat via GoodReader, ligt broederlijk naast de papieren versie –die ik nu niet meer koop).
Er zijn ongetwijfeld vele nadelen aan verbonden (de beperkte bruikbaarheid in volle zon bijvoorbeeld), maar ik ben ongelooflijk content van de iPad. Op 28 mei is de iPad ook te koop in o.a. Frankrijk, Italië en het VK; België moet nog wachten tot juli. Afgaande op bijvoorbeeld de Franse prijsstelling, wordt het dollarteken naar gewoonte simpelweg vervangen door een euroteken –nuja, zoveel scheelt dat tegenwoordig niet meer.
(En hoe het meevalt om boeken te lezen op een iPad? Dat is voor een volgende keer.)
When all else fails… blame the internet. Dat hebben ze bij Sabam weer gedacht, toen ze nog maar eens een persbericht de wereld instuurden. Sabam berekende immers het verlies door illegale downloads –voor wie? Voor Sabam natuurlijk. Op de website van Sabam vindt u daaromtrent een PDF, getiteld Voor een eerlijke vergoeding voor creativiteit op het internet.
Ach, ik voelde nog enige sympathie voor Sabam, zelfs toen ze in al hun schijnbare naïviteit hun verlies konden aantonen door de achteruitgang van de Belgische offline-muziekmarkt en, bijgevolg, met de dalende inkomsten aan mechanische reproductierechten van SABAM
.
Ze geven een boel opportunistische argumenten (vergeten de nieuwe taks op de blanco datadragers), steken de schuld op breedband, en bieden ten slotte een oplossing. Dat laatste mag hen –hoe ridicuul ook– in alle billijkheid (hebt u hem, hebt u hem) in hun betrachtingen sieren. Hun oplossing is tweevoudig:
1 De exploitanten van beschermde inhoud op internet en de web 2.0- platformen, die rechtstreeks of zijdelings van de verspreiding en de uitwisseling van beschermde werken profiteren, financieel verantwoordelijk stellen.
[...]
2 Rekening houden met de veranderde rol van de AP’s (Access Providers)
Uiterst amusant allemaal, en het getuigt alweder van een vernuftig en eigentijds inzicht. (Was mijn ironie voldoende duidelijk?) Bij puntje 2 schrijven ze o.a. het volgende:
In het debat over piraterijbestrijding vormen de voorstellen om de internetproviders en de auteursverenigingen ertoe te verplichten om overeenkomsten te sluiten over het inbouwen van specifieke en aangepaste technische voorzieningen (zoals filtering of blokkering van bepaalde sites) al een stap vooruit.
…waarmee ze hun heimwee naar 1984 (of naar China) expliciteren.
Misschien zouden ze beter eens bij de muziekindustrie gaan aankloppen, bij de grote platenmaatschappijen die hun albums voor veel te veel geld op cd persen, veel te weinig geld naar de artiesten doorsluizen, en hun digitale downloads –if any– in lagere kwaliteit dan een cd, maar wel voor bijna evenveel geld, aanbieden.
Misschien zouden ze beter eens aan hun imago werken. Een charme-offensief zou mogelijks beter werken dan onbeschaamde brutaliteiten waarmee rechtencollecteurs hun afzetmarkt bejegenen. “Dank u om deze cd te kopen” ipv een antidiefstalsysteem dat de ‘piraten’ in een handomdraai weten te omzeilen maar dat het de muziekliefhebber echt wel moeilijk kan maken om hun cd op oudere systemen te laten beluisteren of –geheel legaal– op hun eigen computer te kopiëren. “Dank u om deze dvd te kopen” ipv een onomzeilbaar voorfilmpje waarin BREIN u net niet voor dief uitmaakt –terwijl net ú die film hebt gekocht.
Het kan eigenlijk enkel werken als een buyer’s market. Hoe sneller u zich dat realiseert, hoe groter de mogelijkheid dat uw inkomsten een kans maken om ooit nog te stijgen.
Een normale mens is overigens geheel vóór de auteursrechten. Zorg er dan misschien ook eens voor dat ze uitbetaald worden.
—
Mijn nieuwslezer biedt mij net een vervolg aan: Sabam vraagt wet voor auteursrecht op internet én een reactie van Bart Tommelein: Voorstel Sabam strijdig met EU-regelgeving.
—
Hebt u deze ook al gelezen: How Much Do Music Artists Earn Online? & The Paradise That Should Have Been



